Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Laat geen wareld u verleiden, dat gij in den Echtknoop zoekt

Wat de Hemel heeft veroordeeld, wat Zijn recht en wijsheid vloekt!

Voor een Vrouw bestaat geen wareld dan in slaap- en kinderzaal:

Geen genoegen, geen voldoening, dan in 't oog van haar Gemaal;

Maar dat heil, mijn waarde Dochter, treedt de Hemelvreugd op zij';

Is het naast aan dat der Engelen; en geen wareld haalt er by. 1)

Doch ook hier vormen de plichten de keerzijde der rechten. De gelijkheid bestrijdende, wil Bilderdijk juist de innigste eenheid en gemeenschap in het huwelijk bevestigen en versterken. Hij is er daarom ook niet op tegen, dat de vrouw met haar man in zijn geestesarbeid meeleve en zelve hare gaven ontwikkele, maar roem en bewondering zij het doel van haar streven niet! Moeder en gade te zijn is hare bestemming ; het overige zij ontspanning en genot 2). Dan neemt de vrouw de plaats in, die haar toekomt, en ontvangt zij de hoogste eere. Want geen wereld kon het ijdel niet vervullen, dat bij zijn schepping overbleef in Adams hart,

Maar de Almacht kent het, geeft, voorkomt zijns gunstlings beden,

En toen zijn weerhelft wierd, werd Eden 't eerst tot Eden. 3)

Eéne Eva gaat heel de aard in rang en aanspraak voor 4). Zij was het kunstgewrocht der Godheid, voor wier oogen Gods Engelen, als voor God vernietigd nederbogen en sluiers zochten, om dien gloed te wederstaan, die uitstroomde uit haar schoon 5). En voor Adam was zij een deel zijns-zelfs, met hem één vreugdgevoel, één smart, zijn ziel, zijn levensadem, van uit zijn borst genomen, om met een nieuw gevoel die borsl weer in te stroomen. En hij voelde het, Gemaal is meer dan Wareldvorst 6). In dien zelfden geest zong Bilderdijk zijn aanstaanden schoonzoon toe :

Voelt gij 't, daar zy in uw armen uit haars Vaders armen vliedt,

Wat ge u oplegt? wat de Hemel van u vordert? van u wacht?

Wat zijn schim u nog zal vergen uit des grafkuils donkren nacht?

Zult gij haar vergoeding schenken voor de Vaderlijke pijn ?

Zal ze als Vrouw u alles wezen, en zult gij haar alles zijn ?

Meer dan Vader? meer dan alles wat een Vader wezen kan?

Alwat in den naam bevat is, d' ondoorgrondbren naam van Man 1 7)

Als het huwelijk op die wijze in de ordening Gods gegrond

1) Dichiw. XI 89. 2) Dichtw. XIV 173. 3) Dichtw. VII 126. 4) Dichtw. V 132. 5) Dichtw. II 363. VII 135. 6) Dichtw. V 131, 132. 7) Dichtw. XI 39.

Sluiten