Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hare onsociale leden niet meer alleen bij straf, die vergelding of voorkoming ten doel heeft, maar ze tracht door wijze verbeterende maatregelen de wanbedrijvers op te voeden tot nuttige leden van het sociale organisme.

Om de spontane reacties der kinderen op datgene wat zij als een gewettigde soort straf beschouwen, vast te stellen, werd de volgende geschiedenis aan 1220 jongens en 1228 meisjes van 9 tot 16 jaar verhaald: Jenny teekende graag en liefst poppetjes. Op haren verjaardag kreeg ze van hare moeder een verfdoos met prachtige kleuren en hare moeder zei, dat ze daarmee de plaatjes in haar prentenboek maar moest kleuren. Op zekeren dag, toen de moeder uit was, ging Jenny naar de woonkamer en beschilderde de beste stoelen van hare moeder in allerlei kleuren — rood en groen, blauw en geel en bedierf ze bijna totaal. 'loen moeder thuis kwam liep Jenny haar tegemoet en zei: „O Mama, kom eens binnen om te zien hoe mooi ik de stoelen in de woonkamer beschilderd heb." Aan de kinderen werd nu opgegeven te vertellen wat zij, als ze in de plaats van Jenny's moeder geweest waren, gedaan zouden hebben. De bijeenvergaarde antwoorden gaven de volgende resultaten:

„Haar afranselen", 462 jongens en 367 meisjes; „haar de kleuren afnemen", 218 jongens en 246 meisjes; „haar een standje maken", 93 knapen en 145 meisjes; „haar de kleuren van de stoelen laten vegen", 68 jongens en 43 meisjes; „haar bestraffen" (zonder de straf nader aan te duiden) 54 jongens en 51 meisjes; „haar een oorveeg geven", 41 jongens en 20 meisjes; „haar laten beloven het niet weer te doen", 22 jongens en 19 meisjes; „haar dreigen", 19 jongens en 16 meisjes; „haar het spelen verbieden", 11 jongens en 18 meisjes; „haar uit-

Sluiten