Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

T

tot deze opvatting aanleiding, maar het Westen heeft nog altijd voor hen eene mystieke beteekenis. Immers de richting, waarin zij zich wenden, wanneer zij hunne voorouders vereeren en het Opperwezen aanbidden, is het Westen. Waar het verleden voor hen zulk een heilig karakter draagt en meer dan voor eenig ander aardbewoner een teruggaan tot den oorsprong aller wezens en aller dingen beduidt, komt deze bijzonderheid de voorstelling, dat zijne oudste voorzaten uit het Westen kwamen, nogmaals op treffende wijze bevestigen. Wij hebben derhalve in de Chineezen niet een oer-volk te zien, maar een, dat met andere volken, ook met ons, Europeanen, zijne oorspronkelijke stamvaders gemeen heeft.

Zooals het, in een groot aantal families vereenigd (wier namen nog altijd een der Chineesche examenvakken uitmaken!) naar het Oosten trok, ondereen leider, in de boeken „Keizer" genoemd, heeft het zijn karakter van samengevoegde groep, waarvan het gezin de kleinste en de clans of stammen de grootere onderdeden uitmaakten, behouden. Gaandeweg vormden de stammen, in uitgebreidheid toenemend, staten, die het gezag van het algemeen hoofd erkenden, maar die vrij bleven in het regelen hunner eigen aangelegenheden. Elk dezer staten heeft op zijn beurt een leider, die de priesterlijke waardigheid bekleedt bij de vereering der Goden en der voorouders. Voor het aldus samengesteld staten-geheel officiëert de Keizer. Aan dezen alleen is het gegeven, zich in rechtstreeksche betrekking te stellen tot den Oppergod, den God des Hemels. Hij alleen spreekt de sacramenteele woorden

Sluiten