Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

In 950 wist een ander Chineesch generaal zich van den troon van China meester te maken om er de dynastie der Soung's te vestigen. Hij droeg den naam van Tai-Tsou. Hij was het, die den geletterden, die onder de menigvuldige burgeroorlogen der voorafgaande eeuwen noodgedwongen op den achtergrond bleven, hun oud aanzien weergaf. Hij behoort (daarom ?) tot de goede en groote Keizers en het nageslacht gedenkt hem met dankbaarheid, omdat het welzijn zijner onderdanen hem, blijkens tal van maatregelen, aan het hart ging. Althans zoo berichten de in eere herstelde geletterden! Hij was het b.v. die de bepaling in het leven riep, dat geene doodvonnissen zouden mogen worden tenuitvoergelegd zonder zijn voorafgaande goedkeuring. Hij en zijne opvolgers hadden voortdurend met de Tartaren te kampen, maar wisten hen in bedwang te houden.

Onder Keizer Chentsong II vond een merkwaardige proeve van sociale wetgeving toepassing. *) Geleid door de schoonklinkende theorieën van een geletterde, zijn vertrouweling, meende hij de in het rijk heerschende armoede te kunnen verhelpen door van de volgende redeneering uit te gaan. De arme is het slachtoffer van de exploitatiezucht van den rijkere, die misbruik maakt van zijn voordeelige positie en van de afhankelijke van den ander. De rijkere bepaalt den prijs der waren, die ook de arme behoeft. Deed men door van regeeringswege daartoe ingestelde commissiën de prijzen van alle waren dagelijks vaststellen, dan zou men

•) P. Huc. 1'Empire Chinois, Paris, 1862.

7

Sluiten