Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

oude Chineesche kostuum en het oude ceremonieel werden door Houng-oun hersteld. De universiteiten te Peking en Nanking werden rijk bedacht. De wetten werden herzien, scholen en openbare bibliotheken geopend en instellingen van liefdadigheid, zoo voor ouden van dagen als voor weezen, werden gesticht. Het geheele land werd in kaart gebracht. De zachtmoedigheid van Houng-Oun vormde een andere, sprekende tegenstelling met de opvliegendheid der vorige heerschers. Hij wist echter tegelijkertijd zijn gezag te handhaven. De provinciën werden georganiseerd, meerendeelsop hare tegenwoordige grondslagen. Korea, Tibet, Annam en andere grenslanden sloten zich vrijwillig bij het nieuwe rijk aan. De Keizer wist ook de opnieuw tot groote macht gekomen eunuchen te bedwingen en hunne werkzaamheden tot paleisdiensten te beperken, waarvoor zij bestemd waren.

Ook in het verkeer met andere natiën bracht het optreden der Ming-dynastie, wier eerwaardige reuzengraven te Nanking nog altijd in aanzien zijn, verandering. Met het stelsel van geweldpleging werd gebroken en betrekkingen met andere volken op vreedzame wijze, t.w. door den handel, aangeknoopt en uitgebreid.

Een levendige handel met Japan, Manilla, Borneo, Java, Sumatra, Siam, Bengalen, Arabië en met de N. Oostkust van Afrika valt in deze dagen op. Voor het eerst is van een Chineesche vloot sprake, die zich in den Indischen Oceaan weet te doen gelden.

Houng-Oun overleed in 1399. Een zijner opvolgers, die in 1424 den troon besteeg, werd in een strijd met Tartaarsche „rebellen" verslagen en zag zich gedurende

Sluiten