Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Zij hielden o. a. het oppertoezicht op het maken van de kaart van China, welk reuzenwerk onder dezen Keizer werd voltooid.

Benedictus XIX slingerde in 1742 van den Pauselijken troon opnieuw een verbod tegen de vereering der voorouders door de Chineezen, wilden zij voor opname in den schoot der Kerk in aanmerking komen, terwijl Z. H. er bij bepaalde, dat geen priester tot de zending in China mocht worden toegelaten, die niet in de handen van zijn bisschop had gezworen, deze pauselijke beslissing stipt te zullen toepassen. Het eenig resultaat van dezen hernieuwden aanval op de heiligste der Chineesche instellingen was, dat verscheidene priesters een gruwelijken marteldood ondergingen. Van dezen tijd af komen vervolgingen en terechtstellingen van priesters herhaaldelijk voor. Keizer Kia-king, in 1796 op den troon gekomen om onmiddellijk een besluit uit te vaardigen, waarbij aan alle zendelingen, op straffe des doods, het verblijf in China werd ontzegd, deed zelfs den bisschop Dufraisse ter dood brengen. Hij stond alleen aan eenige geestelijken toe, te Peking te blijven, waar hij ze als Voorzitter en leden van het College der Wiskunde niet kon missen. Hij bleef echter overigens de zendelingen vervolgen en deed hunne kerken en gebouwen te Peking met den grond gelijk maken. In 1838 stierf de laatste zendeling-wiskunstenaar te Peking, Monseigneur Pirès, met wien de laatste dezer eigenaardige Europeesche ambtenaren in Chineeschen dienst, van het tooneel verdween.

Intusschen hadden zich, ondanks dit alles, zende-

Sluiten