Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

bescherming van de onderdanen van onzijdige Staten op het oorlogstooneel en omtrent het verblijf van oorlogsschepen van belligerenten in onzijdige havens zijn verschillende bepalingen gemaakt. Opmerkelijk is dat Groot-Britannië, hetwelk zich tot dusverre zoo krachtig verzet heeft tegen elke regeling van het maritiem recht, dat het zijne deelneming aan de Conventie van Brussel in 1874 en aan die der Eerste Vredesconferentie afhankelijk stelde van de voorwaarde, dat daarvan niets zou worden behandeld, nu, op deze Tweede Vredesconferentie, zelf regelen kwam voorstellen waaraan oorlogsschepen van oorlogvoerenden in neutrale havens moeten voldoen ; wat meer zegt, zelfs voorstelde de geheele contrabande af te schaffen en als gevolg daarvan het visitatierecht op schepen zoodra de onzijdige vlag vast staat, waardoor tevens het netelig twistpunt van de voortgezette reis zou komen te vervallen.

Dat de machtigste zeemogendheid der wereld tot zóó iets is overgegaan bewijst dat het rechtsbewustzijn der volkeren en de beschavingsideeën langzaam maar zeker vorderingen maken en dat zelfs de machtigste daarvoor op den duur moet bukken.

Ook Duitschland kwam met voorstellen op het gebied van het maritiem recht, die een gematigd karakter droegen. Japan met andere.

Is het te verwonderen dat niet ineens omtrent dit alles is beslist? Onverstandigen eischen een dadelijk tastbaar resultaat. Zij weten of bedenken niet dat het onderwerpen betreft die sedert eeuwen de grootste strijdvragen tusschen de meest gezaghebbende mannen op volkenrechtelijk gebied uitgemaakt, en zelfs tot hevige oorlogen tusschen maritieme Staten geleid hebben. Waar zij hoogst gewichtige belangen betreffen, waarin de Volken niet zelden op verschillend standpunt staan, hoe willen die in eene vergadering waarin 45 Staten vertegenwoordigd zijn, voetstoots worden aangenomen? Die voorstellen zijn kostbare materialen, welke thans zijn aangedragen om te verwerken, teneinde er later een hecht gebouw mede op te trekken. De ingenieur die een brug moet maken, ziet deze niet voor zich verrijzen, zoodra de

Sluiten