Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Eerste gedelegeerde van België, ondersteund door Prof. Laminasch (Oostenrijk) en Schrijver dezes. De eerste wees er op dat in 1870 duizenden krijgsgevangenen niet in het bezit konden komen van hun brieven en van de geschenken hunner bloedverwanten, omdat zij de porto's niet konden betalen. Een weinig belangrijke liefdegift was voldoende om de Fransche krijgsgevangenen te Königsberg in het bezit te doen komen van verscheidene duizenden aan hen gerichte brieven.

In vergelijking van de enorme kosten van een oorlog, zijn de kosten die deze bepaling, welke van zoo groot belang is voor krijgsgevangenen, om in hun treurig lot tegemoet te komen, ten gevolge zal hebben, uiterst gering (Zitting van 30 Mei 1899).

Art. 17.

De krijgsgevangen officieren kunnen, indien deze verstrekt wordt, den toeslag op hun traktement ontvangen, die hun in dien toestand door de reglementen van hun land wordt toegekend, onder gehoudenheid van terugbetaling door hunne Regeering.

Dit artikel is door de Tweede Vredesconferentie gewijzigd, om het in overeenstemming te brengen met hoofdstuk 3, art. 13 van de Conventie van Genève van 1K06.

Het luidt thans:

#

De Regeering zal aan de krijgsgevangen officieren, die zich in zijne macht bevinden, hetzelfde tractement uitkeeren, waarop de officieren van denzelfden rang van zijn leger recht hebben, onder gehoudenheid van terugbetaling door hunne Regeering.

j. Eerediens t, Testamenten, A e t en van o v e r 1 ij d e n, Uitlevering.

Art. 18.

Alle vrijheid wordt aan de krijgsgevangenen gelaten voor de uitoefening van hunne godsdienstplichten, daaronder begrepen het bijwonen der godsdienstoefeningen van hunne gezindte, op voorwaarde alleen, dat zij zich gedragén naar de maatregelen van orde en politie door de militaire autoriteit voorgeschreven.

Art. 19.

De testamenten der krijgsgevangenen worden in bewaring ge-

Sluiten