Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

excéder une juste mesure. II commettrait un exces condamnable s'il exweait de prestations hors de proportion avec les ressources disponibles du pays. D'autre part il dolt se bomer, mbne dam les plus riches contrées, aux prestations nécessaires po ar assurer a ses hommes le régime et les fournitures dont ibs ont réellement besoin, et ne jamais y voir une source de suppjlu."

Het officieele Russische voorschrift geeft op vraag 97: „Peut-on exiger que la population indigène fournme des vivres, cks vêtements, des chaussures, en général tous les objets indispensables a Ventretien de Varmie d'occupation?" als antwoord: „Ou peut exiger ces fournitures, mais avec prudence et modération, et en tenant compte des ressources du pays; l'armée d'occupation paie comptant les objets Journis ou délivre des quitances pour les payer plus tard. On ne doit pas se permettre de ne pas payer, même lorsque la population refuse de fournir les objets demandés et qu'on est obligé d'en venir a la violence pour les avoir."

Militairen mogen zonder bevel geen bijzonderen eigendom wegnemen of moedwillig en uit wraakzucht beschadigen. Slechts onmiddellijke behoefte rechtvaardigt bij uitzondering de toeëigening van noodzakelijke voedingsmiddelen en kleeding, voor het geval door de militaire overheid daarvoor niet is gezorgd.

Diefstal of roof in het kwartier of op marsch van gelden of kostbaarheden wordt in elk leger, waar krijgstucht heerscht, streng gestraft. Komt echter de soldaat vermoeid en hongerig in het kwartier, dan treedt, volgens eene uitdrukking, welke door de Duitschers, in den oorlog van 1870—71 is gebezigd, de zelfverpleging in werking. Na een vermoeienden marsch, na een gevecht of veldslag, is het niet te vermijden, en het wordt door de vingers gezien, dat de soldaat zich haast om honger en dorst te stillen, en niet afwacht tot hem mogelijk een karig deel wordt toegemeten. In het algemeen belang, maar in dat van zijn eigen vooral, zorgt hij dat zijn krachten zoo spoedig mogelijk hersteld zijn. Bier- of wijnhuizen, bakkers-, kruideniers- of slachterswinkels mogen echter niet geplunderd worden. Hetgeen hij, die daar niet in kwartier is, neemt, moet worden betaald.

13

Sluiten