Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zieke en gewonde krijgslieden in tijd van oorlog bestaat en dat die vereeniging den evengemelden naam draagt. Al dadelijk volgt daaruit dat er in Nederland niet meer dan die ééne vereeniging bestaat welke dien naam mag voeren. Verder is bepaald, dat de vereeniging wordt bestuurd door een hoofdcomité dat te 's-Gravenhage zijn zetel heeft (Art. 8.); dat de eereleden, de voorzitter, de leden en de secretaris van de vereeniging bij Koninklijk besluit worden benoemd (Art. 4): dat het teeken van onzijdigheid, ingesteld bij art. 7 van de conventie van 22 Augustus 1864 ook het onderscheiding steeken is van het „Nederlandsche Roode Kruis"; hetwelk de voorzitter, de leden en de secretaris van het hoofdcomité en die van de besturen der afdeelingen gerechtigd zijn te dragen, zijnde, in tijd van oorlog, voor het dragen van dat teeken door het bij eene troepenafdeeling of bij een linie of stelling ingedeelde personeel der vereeniging, een bijzondere machtiging noodig van den commandant van die troepenafdeeling, linie of stelling (Art. 7); dat de door de vereeniging te verleenen hulp aan zieke en gewonde krijgslieden geschiedt:

1» . ingeval van een oorlog, waarbij Nederland betrokken is, in aansluiting bij de geneeskundige diensten der land- en der zeemacht;

2° . ingeval van een oorlog, waarbij Nederland niet is betrokken, nadat daartoe de Koninklijke machtiging is gevraagd en verkregen en in overleg met de autoriteiten door de regeeringen van de oorlogvoerende Mogendheden daartoe aangewezen. (Art. 8). Reeds in tijd van vrede heeft tusschenhet hoofdcomité van de vereeniging en de inspecteurs van den geneeskundigen dienst der zee- en landmacht een geregeld overleg plaats, ten einde de bovenbedoelde aansluiting voor te bereiden en te regelen. (Art. 9). Bij mobilisatie wordt aan het hoofdkwartier van het veldleger, en, zoo noodig ook aan het hoofdkwartier van de liniën en stellingen, een lid van het hoofdcomité als gedelegeerde toegevoegd, met den titel van „Commmaris van het Nederlandsche Roode Kruis'* (Art. 10).

De chefs van den geneeskundigen dienst bij het hoofdkwartier van het veldleger, bij de staven van elke divisie of zelfstandige brigade en bij de hoofdkwartieren van elk der liniën en stellingen, stellen in tijd van oorlog, na gehouden overleg met den gedelegeerde van het Roode Kruis, vast, waar, wanneer en op welke wijze gebruik zal worden gemaakt van de diensten van het personeel en materieel der vereeniging. (Art. 11).

Art. 11.

Eene in een onzijdig land erkende vrijwillige vereeniging kan de hulp van haar geneeskundig personeel en formaties aan een oorlogvoerende niet verleenen dan met de voorafgegane toe-

Sluiten