Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dat deze op de wegen door duidelijke teekens worde aangewezen. Doelmatig zijn palen met opschriften, of de nationale vlag, 's nachts verlicht door lantaarns.

Wordt de grens door patrouilles van eene oorlogspartij of door enkele gewapenden overschreden, dan is het mogelijk dat dit zonder voordacht geschiedt, uit onwetendheid of verdwaald raken. De observatietroepen van den onzijdigen Staat behooren dus niet aanstonds van het denkbeeld uit te gaan, dat schending opzettelijk plaats hebbe. Overijling, zucht naar krijgsroem, opgewekte hartstocht, antipathie enz. mogen nimmer het algemeen welzijn in de weegschaal stellen.

Een officier behoort — liefst met witte vlag en hoornblazer — den troep tegemoet te gaan, beleefd te waarschuwen, dat men zich op neutraal gebied bevindt, te verzoeken onverwijld terug te keeren en, bij weigering, te wijzen op de ernstige gevolgen. Eerst wanneer op dit alles geen acht wordt geslagen, moet tot het gebruik der wapenen, zij het bij wijze van protest, worden overgegaan. Van het voorval behoort onverwijld aan de regeering rapport te worden gemaakt, zoo mogelijk geconstateerd door een burgerlijk regeeringsbeambte als getuige.

Zulk een op zich-zelf staand feit heeft — ook wanneer de schending door de wapenen is bestreden — nog niet onvermijdelijk den oorlog ten gevolge. S. dezes heeft er voor gezorgd dat dit in de Tweede Vredesconferentie als positief recht werd vastgesteld, daar dit voor een Staat die buiten den oorlog wenscht te blijven en dus voor ons land van groot gewicht kan zijn. (Zie Art. 11 )

Het is toch mogelijk, dat de bevelhebber, die de schending pleegde, dit zonder last deed, doch zijne dwaling en onwetendheid achter overmoed heeft trachten te verbergen. De onzijdige Staat kan derhalve beginnen bij de regeering der schendende oorlogspartij protest in te dienen en, des noods, bij ernstige overtreding, genoegdoening eischen Van de houding dezer regeering hangt het alsdan af, welke volkenrechtelijke gevolgen uit de schending zullen voortvloeien.

Art. 0.

Een onzijdige Staat is niet verantwoordelijk voor het feit dat personen afzonderlijk de grens overtrekken om dienst te nemen bij een der oorlogvoerenden.

Turkhan Pacha, Eerste gedelegeerde van Turkije, vroeg bij de beraadslaging of dit ook gold, indien dat feit aanhoudend plaats had, waarop door den rapporteur, Kolonel Borel, werd geantwoord dat aanhoudend overtrekken door personen aan eene soort organisatie doet denken en dat het aan georganiseerde personen verboden is.

Sluiten