Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

oorlogvoerenden verboden in de havens en reeden of in de territoriale wateren van die Mogendheid langer dan 24 uren te verblijven, tenzij in de gevallen bij deze Conventie voorzien.

Ook hieromtrent is een groot verschil van gevoelen gebleken. De gedelegeerden van Duitschland en van Rusland stelden voor een vasten termijn te stellen voor havens enz. die in de onmiddellijke nabijheid van het oorlogstooneel zijn gelegen, maar niet voor verderaf gelegene.

Oorlogstooneel was daarbij genomen in eene bijzondere beteekenis, nm. het gedeelte der zee, waarop eene oorlogsoperatie plaats heeft of zoo even plaats gehad heeft of wel waar die nog plaats zou kunnen hebben, ten gevolge van de aanwezigheid of de nadering der strijdkrachten van de beide tegenstanders. Het tot elkander naderen van de twee oorlogspartijen was dus noodig om te kunnen spreken van een oorlogstooneel. Het feit dat een enkele kruiser een schip visiteert of neemt, stempelt, volgens dat begrip, het gedeelte der zee, waar zulks is geschied, niet tot oorlogstooneel.

De Russische Delegatie ondersteunde het Duitsche voorstel, van oordeel zijnde dat de Fransche regel, welke geen te voren gestelde tijdsbepaling bevat, beter is dan de regel van 24 uren, aangenomen door Groot-Britannië en eenige andere landen

De Britsche Gevolmachtigden namen een ander standpunt in, hoofdzakelijk omdat zij de bepaling van oorlogstooneel te onbestemd achten. Treft men in den oorlog te land een bepaald, haast af te bakenen oorlogstooneel, in den oorlog ter zee is het de gansche Oceaan. Zoodra een oorlogsschip de haven van zijn land verlaat kan het een vijandelijk oorlogsschip ontmoeten. Waar dan strijd plaats heeft is het vreemd om dat geen oorlogstooneel te noemen. Door de stoom en de groote vorderingen in de vaartsnelheid gemaakt verplaatst zich het tooneel der vijandelijkheden aanhoudend. Voor de onzijdige Staten zou het tot groote moeilijkheden en groote verantwoordelijkheid leiden om telkens, naarmate van die verplaatsing, de regels voor hunne havens en wateren te moeten wijzigen.

Ook de Nederlandsche Delegatie heeft het onderscheid van handelen, naarmate het oorlogstooneel nabij of verwijderd worde beschouwd, bestreden, wegens de verwikkelingen, waartoe het leidt. Voor onzijdigen en vooral voor kleine Staten is niets zoo nadeelig als onbestemdheid.

Bij een vasten regel weet ieder, hoe te moeten handelen om reclames te voorkomen; bij een onzekeren weet men dat nooit en staat men, bij verschil van opvatting, bloot aan ernstige moeilijkheden.

Duitschland heeft ten slotte dit artikel niet aangenomen.

Sluiten