Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Er zijn 44 Staten ter Conferentie vertegenwoordigd geweest en er zijn slechts 15 rechterzetels. Hebben alle Staten gelijke rechten? Zij hebben voorzeker niet allen gelijke macht, verre van daar, maar om te beslissen over recht en onrecht, staan zij voorzeker gelijk en is althans macht en eigenbelang niet wat den doorslag moet geven.

Het kon zijn dat in Oostersche landen de zeden, gewoonten en rechtsopvattingen zoodanig verschilden met die der esterlanden, of dat er landen zijn, welke bekend staan, dat er alles voor geld veil is, dat bijna ieder van den hoogste tot den laagste kan worden omgekocht, dat daar met goud wat recht is krom wordt en het kromme recht heet. Begrijpelijk is dat men dan huiverig zou zijn aan rechters uit zulke landen gewichtige belangen toe te vertrouwen. I >at kon een reden zijn, maar die heeft niet gegolden en zou men ook moeilijk hebben kunnen laten gelden. Gegolden heeft de overweging dat de acht genoemde Mogendheden zoodanig overwegend belang hebben door hare oorlogsvloten, den tonneninhoud van hare koopvaardijvloot en de belangrijkheid van den zeehandel, dat de rechtspraak van een Internationaal Prijzenhof aan hen en aan hunne onderdanen zeer in het bijzonder aangaat, zij mogen dan zijn oorlogvoerend of onzijdig.

Het artikel ondervond ernstig verzet. Velen, ook Nederland, berustten er in, uit dezelfde overweging, als de heer Choaten in zijne rede had uitgesproken: Elk internationaal Prijzenhof, hoe ook samengesteld, is oneindig beter dan geen. Want men moet niet vergeten dat, al zullen de acht der genoemde Groote Mogendheden wellicht in haar oordeel beinvloed worden door belangen afwijkende van de anderen, haar rechters toch allen mannen zullen zijn van grooten naam en erkende achtbaarheid, van wien eene eerlijke rechtspraak en gezonde rechtsopvatting mogen worden verwacht, terwijl er altijd nog zeven rechters bij zijn van andere, van zelfs zeer kleine landen.

Hoe dit zij, er waren Staten, vooral de Zuid-Amerikaansche, die zich bleven kanten tegen het aangenomen beginsel en alleen te vinden bleken voor een Hof, samengesteld op den grondslag van de juridische gelijkheid der Staten. Bij de eindstemming maakten op dit artikel dan ook in dien zin reserve: Chili, Cuba, Guatamala, Haïtie, Perzië, Salvador, Siam en Uraguay.

Art. 16.

Indien eene oorlogvoerende Mogendheid niet, volgens toerbeurt, een rechter in het Hof heeft zitten, kan zij aanvragen dat de door haar benoemde rechter deelneme aan het oordeel over alle zaken, welke uit den oorlog voortvloeien. In dat geval beslist het lot wie van de rechters, zitting hebbende volgens toerbeurt,

Sluiten