Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

bestuur, op avontuur door te zetten. Middelerwijl hoort men uit Britsch-Indië, dat zelfs de blokkade der Kust van Atsjien zeer gebrekkig is, en dat men van onze zijde zelfs zoude beloofd hebben, die blokkade ten behoeve der Singapoorsche handelaars zoo slap doenlijk in te rigten, zoo niet na te laten. — En de Minister van Buitenlandsche zaken zeer natuurlijk liefst den mond gesloten houdende, beveelt de uiterste behoedzaamheid tegenover vreemde Kabinetten aan. Hoe gaarne men den ervaren diplomaat ten deze gehoor zou geven en vrij spel laten, de bloedige gebeurtenissen niet enkel van Atsjien, maar ook ter Kust van Guinea, spreken al te luide. Hetzij dan van den Minister Gericke alleen of van hem en zijne Ambtgenooten van Koloniën en van Marine, hebben wij nog altijd het in het vorig jaar toegezegd verslag der handelingen voor en bij de overdragt der Afrikaansche Bezittingen aan Groot-Britannië, te goed. Al moet men hierbij ook tot de daden der Heeren van Bosse en de Waal opklimmen, alvorens met Staatslieden, die het Tractaat over Guinea gelijk dat over Sumatra hebben gesloten en voltrokken, met onbepaald vertrouwen of liever loszinnig en roekeloos nogmaals van wal te steken en krijg te blijven voeren tegen een Rijk, dat ons geen genoegzamen grond tot het plegen van zulk geweld gaf, zal toch de sluijer eindelijk behooren opgeligt te worden. De Koning van Elmina, wiens eerlijke en ongekunstelde waarschuwing door ons in den wind werd geslagen, is thans, naar luid der Engelsche parlementaire debatten, door den Britschen gezagvoerder in hechtenis gesteld. Die smet is door ons veel moeijelijker uit te delgen, dan de wisselvallige kans der wapenen, in Atsjien.

UTRECHT, 3 Mei 1878.

DE CREDIETWET.

Een keerpunt in de Koloniale politiek.

Op tergenden toon is bij en na het voorloopig debat over Atsjien, aan de Oppositie de handschoen toegeworpen. Thans,

Sluiten