Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

mannen op elk gebied, door de Regering wordt opgedragen.

Tegenover do Kroon en do handelingen van Hare verantwoordelijke Raadslieden, heeft de Grondwet wel niet in het bemoeiziek mede-regeren, maar in het stipt en naauwlettend toezigt der Volksvertegenwoordiging, waarborgen geschonken, die evenmin luchthartig worden prijs gegeven als tot bevrediging van eer- of heerschzucht, op andere tijden verregaand misbruikt.

Van dat grof en hoog spel van eenige weinige menners en drijvers heeft de Natie, in 1868 zeer klaar en duidelijk getoond afkeerig te zijn; van dat meten en wegen met dubbele maat en gewigt. — Maar ook van de Ministers heeft men te eischen dat zij op hunne beurt en wederkeerig zulk spel niet met de parlementaire meerderheid spelen ten koste van 's Lands aanzien en waardigheid. De Natie doordrongen van de waarheid, dat Nederland, met het behoud en den bloei zijner Overzeesche Bezittingen staat of valt, schijnt even als nu de uit haren zoeten droom wakker geschudde Tweede Kamer, na de behendig verkregen goedkeuring der begrootingen, versteld van het geheimzinnig gedrag van den Minister van Koloniën, die het onverklaarbaar en ligtgeloovig vertrouwen zijner vereerders en al dat ondoordacht handgeklap in en buiten het Binnenhof met ergerlijke terughouding heeft beantwoord en die thans, gelijktijdig met het ontslag van den GouverneurGeneraal Loudon, de optreding van den te Batavia wildvreemden Onderkoning van N.-Indië aankondigt; van een Staatsdienaar, die hoe uitnemend zijne talenten in het vak der diplomatie mogen zijn, nooit eenig bestuur van stad of gewest heeft gevoerd, of grondige bekendheid met de ingewikkelde en gewigtige koloniale belangen geopenbaard.

Van zulk eene benoeming, van welke in dezen hagchelijken tijd de gevolgen zóó bedenkelijk kunnen zijn voor het behoud van onze heerschappij in Azië, heeft men geen verwijt aan den Minister van Goltstein alleen te maken, het betreft het gansche Kabinet, niemand uitgezonderd. En mag in dat feit zoo maar lijdelijk berust worden ?

UTRECHT, 21 December 1874.

Sluiten