Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

die bestemd scheen voor het vertrek van den nieuwen Landvoogd, nog zooveel ruimte van tijd voor het Kabinet overig, om zich nader te beraden en aan den schier algemeenen kreet van afkeu'ing voor het te laat zij, dat is voor de heropening van de zittingen van de Staten-Generaal, inmiddels gehoor te geven; een kreet die nergens luider dan in de Residentie zelve en in onze groote koopsteden vernomen wordt, en die zich tot in spotbladen openbaart, wier indruk den Gouverneur-Generaal eene allesbehalve blijde inkomst voorspelt. Met de tijdige intrekking der benoeming van Mr. J. W. van Lansberge en zijn terugkeer op den benijdenswaardigen post te Brussel, den post voorheen door den genialen I1 alck bekleed, houden alle bezwaren op, en kan de \tede tusschen de Ministers en de beide Kamers ongekrenkt blijven voortduren. Sterk door zijne veeljarige en veelzijdige antecedenten, heeft de heer Mijer in 1866 de stormen der partijzucht kunnen trotseren, Batavia bereikt en eene rustige Landvoogdij gevoerd. Die stormen waren in den boezem der StatenGeneraal Zelve opgekomen en daar buiten nog feller tegen het Ministerie aangeblazen. — De tegenwoordige toestand verschilt daarin zeer gelukkig dat niemand het Bewind belaagt, al heeft de stem der openbare meening de benoeming van den heer van Lansberge scherp veroordeeld, in verband met het berigt dat de gepensioneerde Diplomaat Gericke, wien men voor een aanmerkelijk deel den afstand der Kust van Guinea en de schuld van den oorlog met Atchin heeft te wijten, nu nog ter vergelding van die fiaaie diensten, den ouden zetel te Brussel zou gaan hernemen! Als hier de sleutel van het geheim ligt, door den al tc gedienstigen correspondent der Inde pen do nee Beitje onvoorzigtig vei klapt, begrijpt men de keuze van den Gouverneur-Generaal uit de rij niet van Indische specialiteiten, maar van onze meer of min bekwame titularissen der Diplomatie. Doch heeft nu ruim 30 jaar geleden, de erkende behoefte aan de instelling van Leerstoelen voor Indische Taal, Land- en Volkenkunde eerst te Delft, vervolgens te Leiden, op aandrang van J. C. Baud en ter verhoeding van misslagen die vroeger zoo op Java zelf als in andere Overzeesche Bezittingen uit onkunde van de taal, godsdienst,

Sluiten