Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

meest doeltreffend den Tabak te belasten. „Sind etwa" — vraagt Mohl — (S. 143) — „die volkswirtschaftlichen Zustftnde Frankreichs weniger günstig als die des dentschen Reiches? Sind die Franzosen eine armere Nation, weil sie weniger Tabak im Rauche verpuffen und der französische Staat aus dem Tabaksverbrauche eine Viertel milliarde Reinertrag gewinnt, um welche die französische Nation mit directon Steuern weniger belastet, ihre Landwirthschaft, ihr Gewerbfleisz, und Handel geschont sind?" Mohl cijfert uit, dat Duitschland met eene bevolking van 43 millioen jaarlijks „1,700,000 Centner Tabak in die Nase steekt oder als Rauch in die Luft blast" '), en vraagt, na op de klimmende behoeften van het keizerrijk gewezen te hebben, die de geldmiddelen der verschillende landen uitputten, en een tekort na zich slepen 2) of zulk een geheel noodoloos en kolossaal „Luxusartikel" voortdurend onbelast mag blijven? Zelf geen staathuishoudkundige, veel min financier zijnde, vergenoeg ik mij met de gedachten van een braaf en beproefd Vaderlander, wiens kloek verzet tegen de overweldiging van Zuid-Duitschland in 1867 en daarna op den Rijksdag te Berlijn zoo dikwerf heeft uitgeblonken, eenvoudig mede te deelen, of liever naar diens eigen Rapport en Ontwerp te verwijzen.

UTRECHT, 21 Februarij 1878.

DE PREVENTIEVE HECHTENIS, DOOR Mr. J. DOMELA NIEUWENHUIS.

(Culemborg, Blom en Olivierse, 1878).

In deze wetenschappelijke, hoewel praktisch en in populairen stijl geschreven Verhandeling wordt de algemeene aandacht, in het bijzonder die der Regering en van de Leden der Wetgevende

') bladz. 43. ») bladz. IX.

Sluiten