Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

of, ik zal het zelf wel even doen. En dan ga je naar het raam, dat meestal geheel is dichtgestopt met watten tusschen de reten, en met breede papierranden is beplakt. Zij laten geen ruitje, zooals w« open, om versche lucht te krygen! En als de koude dan naar binnenstroomt, schuiven de vrouwen dicht by elkander by de kachel en trekken de hoofddoeken verder over de ooren en het verdere gelaat, waarna een groot stuk berkenhout in de vurige opening verdwynt. Je denkt dan dadelijk, dat je hun wel warmere hoofddoeken kunt geven, en indien zy andere rokken hadden, zouden zy het ook niet zoo koud hebben, ofschoon zy zelden minder dan 183 Réaumur in hun kamer stoken. En, staande bij het venster, heb je opgemerkt hoe versleten en vuil de gordynen zijn, en dit doet je natuurlyk denken aan verscheidene lappen op den zolder van het huis, en je besluit deze hierheen te zenden. Dan zie verder rond: De atoel vertoont onregelmatigheden op de zitting, dikwijls heeft zij groote gaten, en toch heeft men de ,Barisjna' de allerbeste aangeboden. Nu komt de goedgevulde zolder je weer in de gedachten, waarop veel ongebruikte meubelen staan, en je besluit daarheen een onderzoekingstocht te maken. Ook zie je dat het zeil, of het kleedje, dat de tafel bedekt, wel eens rust noodig heeft, om niet geheel en al te worden verteerd door aardsche aandoeningen, en je denkt aan reisdekens of andere stukken goed, die je nog hebt liggen en ziet hun bestemming vooruit. Dan, ziende naar het groepje vrouwen om de kachel geschaard, geef je ,moedertje' je toestemming het raam nu maar te sluiten, ei aan toevoegend, dat zij het eiken dag moet openen, althans voor eenigen tijd. Als er kinderen zijn, en deze zijn er bijna altyd in grooten getale, denk je hoe kleertjes hun zullen staan, die Kathienka voor hen kan maken, en bijna gelyktijdig komen platen met modelbladen, gekleurde briefkaarten, en d. g. een plaatsje vragen in de

handjes der kleinen. Maar" — hier viel zy zichzelve in de rede

„op deze wyze zou ik uren achtereen kunnen doorgaan, en het zyn toch geen belangwekkende feiten, die ik te vertellen heb! Maar heeilijk is het, aan anderen te kunnen denken, en in de gelegenheid te zijn te handelen, zooals je wilt!" sprak zy warm.

„En... als men een hartje heeft, zooals dat van jou!" dacht Graaf Rostowzetf.

Sluiten