Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hoofdstuk xviii.

Lo moment actucl »Vst qn'nnc porto par lu^ncllc 1'avcnir se précipitc ilans lc pussu.

Camille Flammariox.

De deur was geruischloos in het slot gevallen, Boris vertrokken

6VOnd,Graaf R°St0WZeff zich in de tegenwoordigheid van een

scheiden oud vrouwtje, dat zijne handen met kussen bedekte, n nu hij haar wederzag na zoovele jaren, liep een rilling door de leden van den alom geëerden, vermagerden en beminden Graaf Rostowzeff, want hij aanschouwde iets, dat machtiger was dan glans en rijkdom — het Verleden ...

Hij zag het voor zich opdagen, in schoon-weemoedige en wreede werkelijkheid, in de gedaante van een eenvoudig oud vrouwtje, dat ei zelve geen deel aan had - doch, dat wist

Hun oogen ontmoetten elkander; hij wees "haar een stoel aan en sprak met omfloersde stem:

„Ik had niet gedacht, je weer te zien, Agaffia!"

„Ik evenmin, Wadiem Alexandrowitsj, en het spijt mij u ta storen, maar ik kon niet anders," antwoordde zij.

„Waarom ben je gekomen, heb je geld noodig? Je weet dat

Sluiten