Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van wie ik houd, dan voor de vreemde? Kun je nu nog niet spreken? Ik geloof dat het je rust zou geven!"

„Ik kan niet — och God, ik kan niet!" snikte de andere.

„Als het je dan nog steeds zoo moeilijk valt, hoor dan naar hetgeen ik je wil voorstellen. Voorloopig blijf je natuurlijk hier, en ik zal het met de werkzaamhedsn zóo inrichten dat je weinig in aanraking met de overige bedienden behoeft te komen. Dan, als mijn vrees bewaarheid wordt, en ge je toestand niet meer zult kunnen verbergen, zend ik je naar eene verpleegster, kom je zooveel mogelijk opzoeken, en wij zullen daarna verder weten wat ons te doen staat. Is het zoó goed, Kathienka?"

Het meisje stond nu op, en een onheilspellende uitdrukking kwam over haar beweend gezicht.

„Neen, Barisjna, het is niet goed. Ik kan de schande niet verdragen. Of ik mag heengaan — öf ... ik dood het kind! . . ."

„Kathienka!!" Olga Wadima's stem klonk heesch.

„Ik dood het kind", herhaalde de vrouw, als sprak zy een les na, die zij reeds lang tevoren in zich zelve had opgezegd.

„Wat moet ik er meê doen? Ik haat het, omdat het is — omdat..."

„De jonge Barien van ,Sergejewka' zijn vader is", vulde Olga aan.

„Wie heeft dat gezegd? Ik toch niet, Barisjna? Ik weet wel niet meer wat ik doe of zeg, in den laatsten tijd, maar ik wilde u toch geen grooter verdriet nog aandoen, ook dat nog, ook dat . . . ."

„Stil, kind, je hebt mij niets gezegd, en ik ben alleen treurig om jou! Maar ik zou wanhopig worden, over — dat andere .... Het mag, het zal niet geschieden!"

„Niemand, zelfs niet de Barisjna kan dat verhinderen!"

„Kathienka!" hernam deze, en zocht naar de woorden die in staat zouden zijn, het teere plekje aan te raken in de zoo hard geworden ziel van het meisje. „Het kindje kan het toch niet helpen, nietwaar? Denk nu eens aan een kindje van een der arbeiders hier op de plaats. Heb je wel eens gezien hoe snoezig het is, als het in zijn wiegje ligt, of wordt gebaad, óf, wanneer het begint te spreken, en te loopen ? Stel je nu eens zulk een klein, roze lichaampje voor, en bedenk dan, hoe ontzettend wreed het zijn zou, zulk een klein, onschuldig wezentje ... te dooden!

Sluiten