Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vei gelijking met onze begrippen. Eenigen gaan zoover met te >e weren, dat het de loop der dingen is, en sussen hun geweten in slaap met een wiegeliedje van sophistisch gekozen woorden, opeen bekende melodie. Anderen geven toe, dat zij nietswaardige wezens N"mni'Se oogenblikken, en handelen als voorheen. Weer anderen zien hun verachtelijkheid en kiezen den weg, die tot een beter even voert En toch dooden wij met de vrouw, die w« koopen, iets van e mooie, hooge liefde, hier diep in ons binnenste, voor de nog ongeende viouw, aan wie éénmaal misschien het huwelyk ons verbindt." Hij haalde diep adem, en Olga Wadima durfde hem niet aan te Zien' Ult vrees' dat hiJ in haar oog bewondering zou lezen. ^ „Ik had in langen tijd niet meer kunnen bidden, omdat ik mij zt e \eiachtelijk vond. Doch, toen riep mama mij terug naar ropasnaja tot het aanvaarden van mijn plichten daar. Plotseling gevoelde ik, dat ik veranderen moest, want dat lüj, die, door zijn

2' 1Df de ,,7ereId hoo^er is geplaatst, moet waardig bevonden \v01 den teiwille van God, terwille zijner onderhoorigen! Je hebt je eens verwonderd over mijn vast vertrouwen op Hem. Dit is het antwoord: God heeft mijn gebed verhoord, ik werd sterk en krachtig mocht mijn taak aanvaarden, en heb de verzoekingen weerstaan. Ik behoef je niet te zeggen, hoe menigmaal mooie, jonge vrouwen zich aan mij wilden geven, om een geliefd familielid hierdoor uit en dienst vrij te koopen, en andere zaken meer.

„En dat ik sterk bleef heb ik aan God te danken.

„Toen ....

Nu spnngt hij op, en doorkruist met gejaagde schreden het vertrek.

„Spreek niet verder, als het je moeilijk valt, Wadiem!"

„Neen - het moet gezegd worden. Alles, alles!

„Toen zag ik jou, en reeds in de eerste dagen van ons samenzijn wist ik, dat ik je liefhad .. .."

Een siddering glijdt over haar...

„De sterke drang naar teederheid en liefde van mijn jeugd die toen ik ouder werd, tot hongeren ernaar aangroeide, kwam ik mij met nooit tevoren gekende, overweldigende gevoelens, en dreigde mij te vei stikken - want je behoorde een ander toe. En toch kindie mijn zacht, arm kindje, ik had je zoo lief...

Sluiten