Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ook in Frankrijk') en Duitschland ï) werd in de jaren na 1890 een ijverige propaganda gevoerd voor het geven van onderwijs aan volwassenen op vrijer en ruimer schaal.

In Denemarken en de andere Noorsche Staten heeft zich het afwijkend type ontwikkeld der «Volkshoogescholen», waarin zich nog twee afzonderlijke typen onderscheiden laten. De voornaamste verschilpunten met de Engelsche en Amerikaansche instellingen vindt men in het interneeren der leerlingen bij de Deensche volkshoogescholen. Ook komt het mij voor, dat men hier meer den nadruk legt op praktische beroeps-voorlichting dan ginds 3).

Ook ten onzent zijn pogingen in het werk gesteld in de richting van universiteits-uitbreiding; resultaten van eenige beteekenis zijn mij niet bekend.

87. Het kan niet worden ontkend, dat verschillende bezwaren tegen universiteits-uitbreiding in het midden zijn te brengen; en wel als voornaamste bezwaar, dat aan ternauwernood onderlegden, vraagstukken onder de oogen worden gebracht in opgelosten vorm, zonder dat hun de moeilijkheden en den inspannenden arbeid duidelijk wordt, die voor de oplossing noodig waren. Men verspreidt wellicht zóó meer oppervlakkige dan breede kennis, of, wat men pleegt aan te duiden met: schijn-ontwikkeling, half-weten. Een onmisbare schakel wordt bij dit onderwijs gemist, en dat is: het eigen-onderzoek, eigen-nadenken en zelf-vinden.

Nu vindt men reeds hier en daar instellingen, die ook zelfwerken laten, experimenteeren, proeven nemen, uitwerken van gegevens. Op verrassende wijze ziet men dit in het «Volksheim» te Weenen gebeuren.

Maar, evenals voor het schoolkind, is bij de opvoeding van volwassenen een plaats vereischt, waar zij de hulpmiddelen vinden kunnen om, voorzoover uit boeken te leeren valt, tot zelf-ontwik-

'i Zie: E. Buré, Les universités populaires. In: Mouvement Socialiste, 1902, p. 214; A. Chaboseau, Les universités populaires. Ibidem, p. 978; M. F o urnier, Deux initiatives d'enseignement populaire et de paix sociale. In: Revue politique et parlementaire 1899, p. 299; Dezelfde: Lc Palais du Peuple et la Coopération des Idéés, Ibidem, 1900, p. 372, 582. — A. Rivaud, Les universités populaires. Ibidem, 1900, p. 484.

3) Die Erziehung des Volkes auf den Gebieten der Kunst und Wissenschaft. Berlin, 1900, 8° (Schriften der Centralstelle f. Arbeiterwohlfahrteinrichtungen, Helt 18).

3) Zie b.v. H. Pudor, Die nordischeu Volkshochschuleu. In: ZVW. 1900-1, S. 94, 105, waar ook de verdere literatuur wordt vermeld.

Sluiten