Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

worden, dat het voorgedragene en behandelde tersfond in de leeszaal zelf kan worden nagewerkt en nagelezen. Wat anders na enkele dagen reeds vergeten, en na enkele weken reeds wederom verdrongen is door een andere lezing, heeft in Openbare Leesmusea tijd tot bezinken, mits de toehoorder op gemakkelijke wijze in staat wordt gesteld, na niet te langen tijd en op de plaats zelve tot eigen na-werken te kunnen overgaan. Bijvoorbeeld, door de literatuur over het behandelde onderwerp in de voordrachtzaal ter raadpleging en uitleening gereed te leggen ; of, wat mij minder doeltreffend voorkomt, door het gratis uitdeelen van lijsten met de titels van, op het behandelde betrekking hebbende boeken. De ondervindingen met het laatste opgedaan verschillen echter: in «Ons Huis »te Amsterdam hadden deze lijsten zeer weinig, ') in Elberfeld b.v. zeer veel succes. Ik waag de veronderstelling, dat daar de beste resultaten te verkrijgen zijn, waar het publiek door het Openbaar Leesmuseum zelf wordt uitgenoodigd, in een bijzaal van het Openbaar Leesmuseum de voordracht plaats heeft, en in de leeszaal zelf sterk de aandacht op lezing en te lezen lektuur wordt gevestigd.

Er is dan ook bijkans geen Openbaar Leesmuseum in Engeland of Duitschland zonder bibliotheeksvoordrachten, waarvan hier meer, daar minder werk wordt gemaakt. In Nothingham kan men kennis maken met, in de groote leeszaal gehouden «half hour talks»: een korte voordracht over een recent, een literair of maatschappelijk onderwerp, een levensbeschrijving, gewoonlijk door den hoofdbibliothekaris zelf voor de aanwezige bezoekers gehouden. 2) Eén voorwaarde mag men aan zulke voordrachten stellen: dat zij steeds verband houden met wat over het gesprokene in de boekerij zelf te vinden is; dat zij verder niet alleen onderhoudend, maar ook tot eigen studie opwekkend zijn.

89. Musea. Ten slotte nog eenige opmerkingen over de samenwerking van musea en Openbare Leesmusea.

De openbare musea — kunst-, natuur-historische-, historischeen geologische musea, en musea voor volkenkunde en handel— zooals deze thans meerendeels worden beheerd, zijn bijna uitsluitend bestemd voor wetenschappelijke studie. In den regel meer als

') SW. 1904, bl. 478. — Betere resultaten bericht het jaarverslag van de Maatsch. tot Nut van 't Algemeen 1902/3, bl. 5.

s) Zie: J. P. Briscoë, Hali-hour talks about books with library readers In : L. 1895, p. 18.

Sluiten