Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

verdeelen : door persoonlijken invloed, van de zijde van het bibliotheekpersoneel uit te oefenen, èn door wat ik noemen wil, «technische» middelen toe te passen, heeft men getracht gunstiger verhouding tusschen uitleencijfes van fiction en de uitleencijfers van andere afdeelingen te verkrijgen.

De vraag is, en m.i. niet geheel ten onrechte, geopperd, of dit streven naar verbetering en verandering brengen in de lektuurkeuze van anderen, geen rekening heeft te houden met het feit, dat voor velen het lezen van lichte en onderhouden lektuur het eenige punt van weelde en ontspanning is. Aldus Birge1) en Ross, welke laatste in het leiden tot de onderrichtende afdeelingen " nicht eine Hebung des litterarischen Geschmaks, sondern eine Abnahme des litterarischen Interesses» ziet2).

Il8. Anderzijds heeft men zich veel voorgesteld van den invloed, dien Openbare Leesmusea op het «hinauflesen », de «readingimprovement» zouden kunnen uitoefenen. s) En vooral door den invloed uitgaande van het bibliotheekpersoneel. De ontgoocheling is vrij spoedig gevolgd, en thans wel algemeen bekend. Cowell zegt ronduit «the theory of a regular upward progress of reading from lower class novels to the higher departments of litterature is rather of the nature of a fiction itself.» *) S teve nson zegt, dat de in zijn bibliotheek gedurende zes jaren opgedane ondervinding geleerd heeft, dat de theorie volkomen onjuist is gebleken. 5) Beide zijn echter tegenstanders van fiction in bibliotheken.

Maar ook vóórstanders hebben moeten bekennen, dat een verandering in de gewenschte richting niet door het invloed uitoefenen van de zijde van het personeel te bereiken is 6) Alleen in kleine landelijke en hulpbibliotheken, waar het niet zoo druk loopt en waar een beperkt lezertal na eenigen tijd gemakkelijk door en door te kennen is, daar kan met veel goeden wil iets

') E. A. Birge, The effect of the „two-book system" on circulation. In: LJ. 1898, p. 97.

4) R. Ross, Oeffentliche Biicher- und Lesehallen. Hamburg, 1897, S. 35.

3) Zie b.v. A. L. Peck, What raay a librarian do to influence the reading of a comniunity? In: LJ. 1898, p. 77—80.

4) Cowell, l.c. p. 152.

6) W. M. Steven son, l.c. p. 133.

6) Zie b.v. H. G. Wadlin, Ought public libraries radically rest riet their purchases ol current fiction? In: LJ. 1904 p. 62. — De „uote gaie" in deze ernstige zaak vindt men in een zeer getlaagde „Fiction Song", LJ. 1890, p. 325.

Sluiten