Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vak- of herhalingsschool of van «Ie vorderingen van den leerling in eene dergelijke school kan doen afhangen.

De besluiten der Handwerkskammer zijn aan de goedkeuring eener hoogere autoriteit ') onderworpen. Zoolang zij van hunne i.evoegdheid geen gebruik maken, zullen de Innungen gerechtigd zijn dergelijke voorschriften te geven.

De Handwerkskammer kan verder nog volgens § 130ff"fe««> i„ bijzondere gevallen eene verkorting van den leertijd toestaan, opdat — volgens de memorie van toelichting — zal kunnen worden rekening gehouden met leerlingen, die in de school of in de werkplaats door ijveren bekwaamheid uitmunten of bij tentoonstellingen van leerlingwerkstukken of andere gelegenheden zich bijzonder onderscheiden.

e. Proeftijd.

De G. O. bepaalt in 12*: „Het leercontract kan, indien een langere termijn niet is overeengekomen, gedurende de eerste vier weken na het begin van den leertijd door ieder van beide partijen eenzijdig worden beëindigd. Een beding, volgens hetwelk deze proeftijd langer dan drie maanden zal duren, is nietig".

Uit de door ons verkregen inlichtingen blijkt algemeen, dat er tegen dezen «ettelijken proeftijd geen bezwaren bestaan. Van theoretisch standpunt zou men tegen de regeling der G. O. de bedenking kunnen maken, dat het wellicht juister ware geweest, het recht tot eenzijdige verbreking te geven niet yedurende ten minste 4 weken doch nu ufUjup run ten minste 4 weken. Zooals de bepaling thans luidt, kan de meester na 1 of 2 dagen den leerling reeds wegzenden, terwijl het toch zeer wel mogelijk is, dat na een eenigszins langere kennismaking de jongen zou meevallen en zou blijken wel te voldoen. Uit het feit, dat dit bezwaar door geen onzer berichtgevers wordt genoemd, zullen wij echter moeten opmaken, dat liet zich in de practijk niet heeft doen gevoelen. In de Novelle van 1897 is liet bestaande artikel dan ook ongewijzigd overgenomen (§ 127h).

De proeftijd duurt in den regel niet langer dan het wettelijk minimum van 4 weken. Slechts zeer enkelen onzer berichtgevers vermelden bij uitzondering een langeren proeftijd.

') „Mit Genehmiging der höheren Verwaltung»beharde." l)e G. O. ^ebruikt iu verschillende artikelen de uitdrukkingen „höhere Verwaltungsbekörde„untere Verwaltungsbehörde," „Gemeindebehörde„Ortsbehörde" enz., en bepaalt in f155, dar door de regeeringen der Bondsstaten moet worden bepaald, welke autoriteiten aldaar onder deze uitdrukkingen zullen worden verstaan.

Sluiten