Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dem. Kamerklub behoort, inderdaad op het vertrouwen der Partij kan rekenen. De noodzakelijkheid hiervan ligt zóó voor de hand, uat zij m. i. alleen kan ontkend worden door hen, die vreezen, in een dergelijke uitspraak een cassatie te zullen moeten zien van het vonnis, terloops reeds door hen over mijn werken geveld. Dat de Partij in dat geval voor een moeielijke keuze komt te staan, ontken ik niet. Ik heb evenwel genoeg vertrouwen in haar, om aan te nemen, dat zij zich daarbij eenig en alleen zal laten leiden door de vraag: watis de waarheid?

Het kan niet anders dan leerzaam zijn, de debatten over eenige belangrijke punten van ons werkprogram nog eens te lezen en onze houding inzake de stakingsbeweging nog eens goed te overzien. De partijgenooten zijn daardoor tevens in de gelegenheid, te beoordeelen of zij, die in al die zaken gewoonlijk de kritische', aanvallende positie innamen, zelf hebben getoond, die vastheid van taktiek en die juistheid van inzicht te bezitten, die hen tot eenigbevoegde keurmeesters in partijzaken stempelt, als hoedanig zij gewend zijn, op te treden.

Nu een jonge garde is opgestaan, die den schijn wekt van te meenen, dat op haar de taak rust, om in den toonaard en den geest dezer keurmeesters verder te werken, is ook voor deze een nadere overweging van hetgeen achter ons ligt, niet zonder belang.

Over den verderen inhoud van dit werkje behoef ik niet te spreken.

Het verschijnt op een tijdstip, dat innerlijke zuivering en versterking van ons partijleven meer dan ooit gewenscht is.

Ieder voelt, dat er aan de leiding der Partij, ondanks de vervanging van minder principieel geachte elementen in het P. B. door „principieele , veel ontbreekt; dat er met name geen kracht van uitgaat. Het partij-orgaan slingert heen en weer om het doode punt: het abonnentental nam de laatste maanden af en is nog steeds beneden het punt, vóór de staking van 1903 bereikt. In Amsterdam, waar de kritische methode der Nieuwe T ij dgroep zich bij een deel der partijgenooten reeds heeft ingeburgerd, is een verslapping waar te nemen, die het ergste doet vreezen. „Kwesties" zijn aan de orde van den dag en van een stevige leiding, die ze voorkomt en hunne oplossing voorbereidt of voltooit, is niets te bespeuren. De strijd tusschen twee leidende faktoren, die naar aanleiding van het werken der N. T.-groep op het laatste kongres niet kon uitblijven, werkt beangstigend en verlammend. De dwaze opeenhooping van arbeid op één paar schouders, die van dat werken mede een gevolg is geweest, heeft zich bitter aan de Partij en het orgaan gewroken.

Er heerscht bovendien een misverstand en een geest van wantrouwen omtrent sommige, van uit het hoofdkwartier van de Nieuwe lijd als minderwaardig gekwalificeerde partijgenooten die voor hen hetI partijleven maakt tot een last, dien zij alleen uit plichtbesef blijven torschen.

Sluiten