Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

matige verhindering van vrije konkurentie der beter onderlegden, meer kapitaalbezittenden, kan alleen strekken om verouderde ..primitieve werkmethodes in wezen te houden en is dus reactionair.

Hoe inmiddels een polemiek als die van Gorter, die achter ons meeningsverschil het streven, om menschen, niet tot ons behoorende, tot ons te trekken, in de Partij doorwerkte blijkt wel uit een ingezonden stukje van W. de G. in Het \ o 1 k van 2o Sept 1901, waarin deze zich beklaagt over de samenstelling der agrarische kommissie. Het waren de twee Kamerleden, die deze ruime geest er niet in had willen hebben.

„Het partijbestuur had er toch zeer eenvoudig buiten kunnen laten partijgenóoten, die hun plaats in de Kamer mede te danken hebben aan den steun der boeren en pachters, die onwillekeurig aan het gevaar blootstaan bij de samenstelling van het agrarisch program de belangen dier kiezers een beteekenis toe te schrijven, die hun volgens de soc.-dem. opvatting der maatschappij-ontwikkeling niet toekomt."

Aangenaam en vruchtbaar werk, Kamerlid en „leider" te zijn in een partij, waar zulke kieschheden in allen ernst worden gedebiteerd en door het schrijven en spreken van illustio partijgenooten in de hand gewerkt! Dat onze tegenstanders, van S t a ndaard tot Handelsblad, van dit oogenblik af den „eerlijken" Gorter tegen den „slimmen" Troelstra uitspeelden, ligt voor de hand. Hij-zelf had dit door zijne wijze van polemiseeren

uitgelokt. T _ . ,

Mijn grief tegen het optreden der N. T.-groep inzake de agrarische kwestie is dus niet, dat zij op wijziging van het' program heeft aangedrongen, integendeel, ik gaf reeds voor het Utrecntsc.he Kongres toe, dat nadere bestudeering daarvan wenschelijk was en dat er misverstand zat in enkele deelen van het program. Hadden deze partijgenooten zich tijdig met hunne bezwaren tot het P. B. gewend, vóór dat dit het program opnieuw voorstelde — of eenige maanden eerder een rustige behandeling van het Program ingeleid, dan zouden zij bij mij steun hebben gevonden.

En wanneer zij, in 't besef van wat ook hun aan kennis van deze kwestie nog ontbrak, op instelling eener studie-kommissie hadden aangedrongen (wat, toen het bleek, dat èn P. B., èn partij-redaktie niet voor hunne ondoordachte nieuwe plannen waren te vinden, hun plicht ware geweest) dan zou ik de eerste zijn geweest, om mij daarmee te vereenigen. Het gaat echter niet aan, vooral niet in een zoo belangrijke en moeilijke zaak als deze, tegen de leidende organen der Partij in, eenvoudig door het aanhalen van een paar buitenlandsche autoriteiten, niet een beroep op algemeene formules, zonder nadere détailstudie, zonder dat deafdeeFingen der Partij iets van de zaak weten, het Kongres tegen de partijleiding te willen mobiel maken, deze als afvalligen van de ware internationale sociaal-demokratie feitelijk voor hare taak onbevoegd te verklaren, ja zelfs hare eerlijkheid en openhartigheid

Sluiten