Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

een onderdeel dier leiding beschouw. De Partij kan niet nalaten, na de kritiek op mijne leiding van het vorig Kongres, zich duidelijk uit te spreken, of zij die kritiek voor hare rekening neemt en mij al dan niet in de politieke leiding haar vertrouwen schenkt. Nu zelfs het Partijbestuur is begonnen, zonder mij zelfs om inlichtingen te vragen, in het bericht zijner vergadering naar aanleiding van mijn optreden in de Kamer uitingen te publiceeren, die geen andere strekking kunnen hebben dan mij van dubbelzinnigheid te betichten, is dit punt zelfs urgent geworden. Ik ben genegen, elk oogenblik, als de Partij het eischt, mijne plaats in de Kamer aan een ander af te staan; maar zoolang ik daar met haar wil de belangen der Partij waarneem, dient zij mij te kunnen beschermen tegen aanvallen, die mij treffen in het eerste wat ik daar noodig heb: het vertrouwen in de volkomen eerlijkheid en zuiverheid van mijn bedoelen en in de algemeene juistheid van mijn beleid. Dit is geen eiscli voor mijn persoon, het is een eisch voor mijne f u n k t i e; en een Partij, die niet van ganscher harte aan dien eisch kan voldoen, heeft daarmede uitgesproken, dat zij op die verantwoordelijke plaats niet dien vertegenwoordiger bezit, wien zij met volle gerustheid de verdediging harer algemeene politiek kan toevertrouwen.

Hiermede zou, wat het verleden betreft, door het Kongres genoeg zijn gedaan.

II.

De taak der intellektueelen.

Als van zelf doet zich thans de vraag voor, hoe ik mij de positie van de leden der Nieuwe Tij d-groep en harer volgelingen in de Partij denk, nadat zij aldus een vingerwijzing hebben ontvangen, om bij hun ingrijpen in de leiding der Partij, meer rekening te houden met de belangen en de eischen der organisatie dan tot heden.

Ik zal dit punt behandelen in verband met de verhouding van de redaktie der Nieuwe T ij d tot de Partij.

Dit tijdschrift levert voor de beweging niet dat nut op, dat het zou kunnen en moeten opleveren. Het lijdt sterk aan het dogmatisme zijner eenzijdig samengestelde redaktie; het is daardoor het orgaan eener coterie en niet dat der Partij geworden. Zeer zeker sluit het zijne kolommen niet geheel voor schrijvers, die de zaken anders beoordeelen dan de redaktie; maar het zou mij niet moeilijk vallen te bewijzen, dat dit ook slechts zoover gaat

7

Sluiten