Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

uit te spreken en te verdedigen. Maar wijl er hier op aarde geen onfeilbaar orgaan bestaat, dat in de wetenschap kan uitmaken wat waarheid is, is de vrijheid der wetenschap ten tweede hierin gelegen, dat de verschillende richtingen, die er feitelijk bestaan, noch door den staat, noch door de kerk belemmerd worden, om de waarheid te zoeken in dien weg, waarin zij overtuigd zijn, haar

alleen te kunnen vinden.

Christenen nu kunnen geen andere overtuiging hebben, dan dat de waarheid op wetenschappelijk gebied alleen dan te vinden is, wanneer men uitgaat van de belijdenis, dat C hristus de weg, de waarheid en het leven is, en dat dus niemand tot den Vader, ook als oorsprong en einddoel aller dingen, komt dan door Hem. Deze belijdenis staat niet tegen de wetenschap over, want schepping en herschepping hebben denzelfden oorsprong; de genade doet de natuur niet te niet, maar bevrijdt en herstelt haar, en Christus kwam niet, om de werken des \ aders, maar alleen om de werken des duivels te verbreken. De belijdenis van dien Christus komt du^aan de wetenschap ten goede, bevrijdt haar van de leugen en leidt het wetenschappelijk onderzoek in het rechte spoor. Nauwkeurig gesproken, is de naam van Christelijke wetenschap dan ook eene verkorte uitdrukking. Wetenschap als zoodanig is, wijl uit de schepping opkomende, niet Christelijk of onchristelijk; wetenschap heeft haar maatstaf in de waarheid^ Wat waar is, is wetenschappelijk, ook al beweerde de gansche wereld het tegendeel; en wat niet waar is, is onwetenschappelijk, al hielden alle menschen het omgekeerde staande. Maar omdat er in de wetenschap, evenals overal elders, zooveel schijn en namaak is, schonk God ons in zijne openbaring een gids en een wegwijzer, die bij de beoefening der wetenschap onze schreden richt en ons voor afdwaling behoedt. Christelijke wetenschap is dus zulk eene wetenschap, die bij het licht dier openbaring alle dingen onderzoekt en ze daarom ziet, gelijk zij waarlflk, in hun wezen zijn. In het oog der wereld moge dit dwaasheid zijn, maar het dwaze Gods is wijzer dan de menschen en het zwakke Gods is steikei dan de menschen. Want wij vermogen niets tegen, maar voor de waarheid.

Sluiten