Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Toen het dag was geworden en het eerste daglicht

was doorgedrongen in de straat waar zij woonde.

rees de arbeidster op en haar eerste gedachte

was als altijd de éénheid aller menschen.

Stil zat zij overeind en haar borsten waren stil,

en ook haar hoofd hield zij stil zooals een vrucht.

En zij dacht aan haar geluk als vrouw,

hoe het alleen dan zou komen als zij in

een wereld leefde van eenheid, eenheid aller menschen.

En stil vloog het geluk op in haar,

en zij baadde zich het hoofd in de gedachte.

in den droom aan de kracht der organisatie.

En zij stond zeer stil voor het bed met armen hangend,

en zacht met een blik vol van liefde

keek zij in het niets naar iets.

En toen met een blik, als een vogel.

langs de zoldering van haar kamer,

ging zij aan het werk.

Sluiten