Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

is eene Grondwet feitelijk in zekeren zin overbodig; maar in een land als het onze, dat eene zoo rijke geschiedenis heeft, is het toch alleszins noodig, voor zoover dit mogelijk is. dat duidelijk en klaar worden omschreven al die rechten en vrijheden, welke het volk in den loop der geschiedenis en onder de voorzienigheid Gods heeft verkregen. Opdat de Overheid niet naar willekeur handele; en ook opdat niet het revolutionair reger ingsstelsel tot heerschappij kome, waarbij de minderheid onderdrukt wordt door de meerderheid.

Of de Grondwet van 1814 en de daaropvolgende Grondwetten aan dien eisch voldoen, zien we in een volgend artikel.

Onze eerste Grondwet.

Eene Grondwet, waarin de rechten en vrijheden des volks zijn omschreven, is niet in strijd, maar in overeenstemming met de beginselen onzer partij. Alleen een volk, dat geen rijke historie heeft, dat niet wijzen kan op eene worsteling om liet rechtmatig bezit van vrijheden en rechten, of dat in ontwikkeling op laag peil staat, kan weinig aanspraak maken op een staatsstuk, waarin over en weer de verhouding tusschen Volk en Overheid is omschreven.

Rusland en Turkije haalden we daartoe reeds vroeger als voorbeelden aan; maar het zou tegen het Cliristelijk-Ztw/oWw/t karakter van het Nederlandsche volk zijn, indien hier de Overheid zonder Grondwet en mede daardoor absoluut kon regeeren.

De eerste Grondwet, die wij als vrij volk ontvingen, is die van 29 Maart 1814. Dat aan deze en daaropvolgende Grondwetten een anti-revolutionair zeer goed trouw kón en kan zweren, zien we straks; nu zij er aan herinnerd, dat de eerste Grondwet allerminst er toe medegewerkt heeft om ons vulk uit den slaperigen toestand, waarin eerst de regenten-coterie en daarna de Fransche heerschappij het gebracht hadden, te doen ontwaken. Door en door conservatief was die Grondwet. Aan het volk in zijn geheel werd geen invloed gegund; de Staten-Generaal stonden niet in rechtstreeksche verbinding tot de natie en konden alzoo ook niet worden genoemd volksvertegenwoordiging. Slechts eene enkele stem verzette zich tegen eene dergelijke Grondwet ; weinigen kwamen op voor een rechtmatigen volksinvloed. De commissie, door den uit Engeland overgekomen

Sluiten