Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Groen steeds opkwam en wat ook wij nog steeds verwerpen.

Wil dit zeggen, dit de Kamers aan de Ministers alles moeten geven wat zij vragen V In het minst niet. De Staten-Generaal hebben juist in de eerste en voornaamste plaats er voor te waken, dat alleen die uitgaven worden toegestaan, welke in het belang des volks noodzakelijk zijn. Dat is het recht en de plicht der Kamers.

Maar hier gold het iets anders. Hier betrof het uitgaven, die op de wet berusten en „vast doorgaan", die dus moesten gedaan of Keuchenius dan wel een ander als Minister aan het roer was.

Er zijn 11.1. tweeërlei uitgaven: De tijdelijke en de vaste. De laatste zijn die uitgaven, die telkens terugkeeren zoo lang de wet bestaat, waarop die uitgaven berusten. Rente, soldijen, traktementen, door de Kamers goedgekeurde bijdragen of subsidiën, zijn bij de wet vastgesteld. Zij moeten dus worden uitgegeven. Uit dien hoofde moet het 0. i. dan ook afgekeurd worden, dat voor vaste uitgaven telkens, n.1. ieder jaar, de goedkeuring der Kamers wordt gevraagd. Waartoe is dat noodig? Waartoe anders dan om de Ministers, die men liefst niet wil, „af te zetten?" Alsof er geen andere middelen zijn om een Minister, die het vertrouwen niet verdient, te dringen ontslag bij de Koningin aan te vragen! Eeue motie van wantrouwen in zijn beleid, afstemming van door hem voorgestelde wetten, desnoods een eerbiedig adres aan de Koningin — dat zijn de middelen, die de Grondwet toelaat 0111 een Minister te treffen ; en geen verwerping van onschuldige begrootingen.

Maar neen, het is gemakkelijker over een wapen te kunnen beschikken dat zeker treft. Daarom moet gehandhaafd het tegenwoordig stelsel van begrootingsrecht; daarom moeten ieder jaar opnieuw aangevraagd worden uitgaven voor zaken, die bij de wet zijn vastgesteld; daarom moet zelfs de Wet op de Middelen — die nota bene den Minister van Financiën toestaat belastingen te heffen, belastingen die bij de Wet vaststaan! — jaarlijks aan het oordeel der Kamers worden onderworpen.

Tot zulke gekke vertooningen komt men! De anti-revolutionaire partij nu wenscht, krachtens haar beginsel, een ander stelsel. De Koningin is Overheid. Zij moet regeeren. Om te regeeren heeft zij, voor de uitvoering der wetten, geld noodig. Dat geld heeft zij nimmer aan te vragen. Maar wel moet natuurlijk voor nieuwe uitgaven het oordeel der Kamers worden ingewonnen.

Sluiten