Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Geen enkel anti-revolutionair zal het daarom afkeuren, dat de Overheid zich met de openbare gezondheid, met de hygiëne, inlaat Dat is haar roeping en haar plicht. Zij heeft wel terdege alles weg te nemen, wat die gezondheid zou kunnen schaden. Toch is het hier een weg met voetangels en klemmen. „Onder kygiène toch verstaan velen eene zorg voor de gezondheid, die niet alleen de publieke terreinen, maar ook onze lichamen tot het groote jachtveld van onze geneeskundige raden maakt; en wijl nu dat lichaam op onverklaarbare en gansch wonderlijke wijze met ons geestelijk wezen saamhangt, - om welk geestelijk wezen deze heeren hygiënisten zich voor het meerendeel al zeer weinig bekommeren —, spreekt het van zelf, dat de eischen van ons lichamelijk (physisch) met die van ons geestelijk (psychisch) leven in strijd kunnen geraken; en er alsdan met hand en tand dient geijverd tegen de materialistische conclusie, alsof in elk dezer gevallen „lijf steeds vóór ziel moest gaan!" Maar al moet hierop wel terdege gelet worden; toch zal ieder anti-revolutionair het toejuichen, dat de Overheid op dit gebied niet werkeloos is. Ziekte of krankheid komen ons niet bij geval, maar van Gods vaderlijke hand toe: edoch in ( e Heilige Schrift wordt toch ook zoo beslist mogelijk op het nemen van wat men zou noemen voorzorgs-maatregelen aangedrongen. Eene gansche reeks v ui reinigings-wetten — voor liet lichaam, de kleedij, het vaatwerk en de woningen — komt in Gods Woord voor. E11 111 Leviticus XIII blijkt het uit de wet over de melaatschheid hoe God van ons eisclit, dat wij onze lichamen hebben te onderhouden en te bewaren tegen besmetting.

at de Overheid doen kan en doen moet tot bescherming van de openbare gezondheid, ligt voor de hand. Zij wake tegen vervalsching van eetwaren; voorkome de verontreiniging van lucht, water en baden; geve zelve een voorbeeld van zindelijkheid; zorgé voor behoorlijke gelegenheid tot begraven van lijken en neme maatregelen bij smettelijke ziekte door het openstellen van inrichtingen voor lijders. Dit is een vrij lang program, waarvan zeker al een heel stuk is afgewerkt. Toch valt er nog heel wat te doen. Eene wet tegen de vervalsching van eetwaren ontbreekt nog altijd; en eveneens wacht men nog steeds op maatregelen tegen de verontreiniging van lucht, wateren baden. Intusschen zijn op 1 Augustus 1902 een tweetal wetten in werking getreden, wier strekking

Sluiten