Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ons is, tot onze bewustheid brengt, berust alles; met hetzelve valt daarentegen alles weg. Zoo tast de satan hier het fondament aller gewisheid aan, door de betrouwbaarheid der zinnen in twijfel te trekken. Hiervan toch kan met opzicht tot den reinen, ongeschonden niensch geen sprake zijn. Slechts van den waanzinnige en van den zondaar laat zich zeggen: „hij hoort niet wat God zegt"; van den eerste, omdat hem het natuurlijk vermogen tot zuivere waarneming; van den laatste, naardien hem de zedelijke vatbaarheid om het goddelijke te begrijpen, ontbreekt. Met den mensch in het paradijs is het anders en beter gesteld. Heeft God hem niet zóó geschapen, dat hij zich op zijne eigene waarnemingen verlaten kan, dan is hij een wanschepsel, «aan hetwelk noch de zedelijke eisch der gehoorzaamheid, noch de natuurlijke der ontwikkeling gesteld worden mag. Doet God echter beiden dan bewijst dit, dat zijne vermogens zuiver zijn, anders gezegd, dat hij werkelijk datgene, wat gezegd wordt, hoort, en wat bedoeld wordt, begrijpt.

Satans vraag wordt ontkennend beantwoord, maar ofschoon zijn aanval mislukt, heeft hij toch in zoover zijn oogmerk bereikt, dat hij de aandacht der vrouw tot zich heeft weten te trekken. Het treft deze iemand te vinden, die, wat voor haar zoo klaar is als de dag, niet boven bedenking verheven acht. Voor het eerst maakt zij kennis met den geest des twijfels; nog nooit heeft zij aan het woord van haren God den maatstaf van de onafhankelijke rede zien aanleggen. Het gebied waar zij thans binnengeleid wordt, is haar geheel nieuw; maar 't is gevaarlijk er langer dan een enkel oogenblik te vertoeven. Op onvasten bodem wankelt de voet eer men het weet. Reeds de adem der slang is vergiftig!

Toch is de taak dezer slang niet licht te achten. De satan heeft geene halfonderrichte vrouw voor zich; integendeel bewijst zij zelve, dat zij aangaande het goddelijk gebod ten volle op de hoogte is. Immers zegt zij, dat God niet

Sluiten