Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

eenig werk gedaan in liet linis zijns Vaders, welks vele woningen vele dienstknechten eisclien, en naar dien werken in 't Godsrijk altijd gepaard gaat met strijden, tegen de booze geesten strijd gevoerd. In elk geval is het zeker dat zij de zielen der ontslapene vromen wegdroegen naar den schoot hunner vaderen, en het ook de levenden aan hunne zoo veelvuldige als troostrijke bescherming niet lieten ontbreken. In dat alles dienden zij hunnen Heer Christus; echter was het nog maar een voorspel van iets uitnemenders.

Tot dusver was er bij hen, met opzicht tot hun Heer, van „eeredienst", en „krijgsdienst", niet van „hulpdienst" sprake ; het kon ook niet anders. Altijd toch bleef Hij als de volzalige en algenoegzame hemelhoog boven hen verheven; zagen zij Hem zoo vielen zij neder. Maar dit zou veranderen; want hun Heer zou een tijdlang „een weinig minder worden dan de engelen". ') Immers zou Hij gelijk worden aan dezelfde menschen, wie zij hulp en troost toedienen, ja aan de minsten onzer, aan de kinderkens, die zij beschermen, aan de hongerigen, die zij brood toereiken, aan de stervenden, op wier ziel zij wachten. Daarvan hadden zij een wonderlijk, prikkelend voorgevoel; en daarom waren ze ook zoo begeerig, om in de geheimen der profetie en der verzoening in te zien, dat zij terecht in het allerheiligste afgebeeld werden, als staande op de ark, met het hoofd over het verzoendeksel gebogen, en het oog peinzend er op gericht.

Het ongelooflijke wordt eindelijk geschiedenis: het Woord wordt vleesch. Is het wonder dat de engelen hunne hemelen verlaten, en, sneller dan het licht naar 't veld buiten Bethlehem gesneld, den eerstgeborene, dien de Vader de wereld inbracht, aanbidden ? Dit kindeke is hun Heer, maar zoolang deze Heer nog niet „met eere en heerlijkheid gekroond is," -) moeten zij het de diensten bewijzen, die de meerdere den mindere in kracht schuldig is. Hoe ? Is Jezus dan niet

1) Hebr. 1 : fi. 2) Hebr. 2 : 9.

Sluiten