Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Afschaffing van nacht- en Zondagsarbeid. Nagenoeg alle afdeelingen achten de afschaffing van nachtarbeid mogelijk en, — zooals een enkele er aan toevoegt, — „hoog noodig zelfs". Omtrent de mogelijkheid van afschaffing van Zondagsarbeid zijn de meeningen echter niet zoo eensluidend. De wenschelijkheid raakt hier bij sommigen achter de overweging der mogelijkheid zoek. Een der afdeelingen meent dat bij de huidige inrichting der meeste fabrieken de afschaffing niet mogelijk zal zijn. Een groot aantal andere afdeelingen vreest voor bederf der melk als deze, vooral des zomers, tot Maandag bewaard moet worden, een bezwaar dat blijkbaar door andere afdeelingen riet wordt gevoeld. Sommigen dezer weifelen te antwoorden; een aantal dringt aan op beperking; terwijl eenige afdeelingen de bezwaren gering schatten en derhalve zich ten gunste der afschaffing verklaren, mits deze als regel overal worde doorgevoerd.

Bezwaren tegen den 10-urigen arbeidsdag worden slechts door ééne afdeeling te berde gebracht. Alle andere afdeelingen meenen dat door aanzetting van meerder personeel alle bezwaren zijn te ondervangen. Dit zou dus eenvoudig een geldkwestie zijn. Wel wordt van patroonszijde beweerd dat de arbeiders hun geld 's winters gemakkelijk verdienen en daarom 's zomers wel wat langer mogen werken, maar het stille seizoen is veel kleiner dan het drukke en de verschillen in arbeidstijd zijn onevenredig daaraan. Een der afdeelingen merkt terecht op dat een arbeider, die frisch is, in 10 uren meer werk kan leveren, dan een, die afgemat is, in 15 uren. De meeningen zijn voorts zóó eensluidend gemotiveerd ten gunste van den 10-urigen arbeidsdag, dat deze als een algemeen gevoelde behoefte aangeduid mag worden.

De gevolgen van den langen arbeidsduur doen bij alle beoefenaren van dit beroep dit verlangen rijpen. Als gevolgen worden genoemd: bleeke gelaatskleur, moeheid, loomheid, uitputting, sufheid, nervositeit, vermagering, weinig eetlust en onverschilligheid, die wordt gevoed mede doordat de gehuwden totaal niets aan hun gezinsleven hebben. De werklieden, die, door te weinig of onderbroken nachtrust, hun middagtijd verslapen, missen doorgaans de gelegenheid zich met iets anders dan hun werk te bemoeien en mogen zich troosten met de gedachte dat zij voor anderen gezondheid bereiden, in hooge temperaturen, die hun eigen lichaam slechts kunnen schaden.

Sluiten