Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

II.

De Andere Redenen.

Onze stelling dat Troelstra niet afgetreden is om de door hem opgegeven (reden berust allereerst op de

uitspraak van het Partijbestuur in zijn rapport over Troelstra's grieven, afgedrukt als bijlage van het partij verslag over 1905, waarin wordt verklaard dat er andere redenen waren.

Wij lezen in dat verslag:

„. . . als vierde vraag werd gesteld:

is uit de notulen der vergaderingen van het P. B. van 16 en 22 Mei 1903 en 26 September 1903 gebleken dat andere redenen dan het optreden van Gorter c.s. aanwezig waren, welke van overwegenden invloed zijn geweest op het aftreden van Troelstra als hoofdredakteur?

Deze vraag wordt door vijf leden bevestigend, door één lid ontkennend beantwoord." (bl. 21)

Ziehier ongetwijfeld een zeer belangrijke verklaring: vijf van de zes stemmende partijbestuurders getuigen dat in de notulen van de handelingen hunner voorgangers de waarheid betreffende het ontslag van Troelstra te vinden is, dat dit ontslag andere oorzaken van overwegenden invloed heeft gehad dan die over welke Troelstra zich later beklaagde, dat dus deze klachten ongerechtvaardigd zijn, dat zijn aanklacht een valsche aanklacht is

Nu zou natuurlijk de mededeeling van de door het vorig partijbestuur gevonden ware oorzaken, die men niet heeft willen publiek maken, voor de volledige kennis van het gebeurde onmisbaaar zijn geweest. Schrijver dezes heeft dan ook voor deze verplichte verdediging onzerzijds, aan het thans fungeerende bestuur inzage van de

bedoelde notulen gevraagd. Dit is hem geweigerd geworden Een

invloedrijk lid van het tegenwoordig partijbestuur beschuldigt eenige leden, leden die zitting hebben in de redaktie van het sociaaldemokratisch tijdschrift; die sommigen zelfs tot het P. B. hebben behoord : die sedert vele jaren een eerste plaats innemen onder de propagandisten van het socialisme onder de arbeiders, van bedekte kuiperijen en zijn persoonlijke vertrouwbaarheid aantastende kritiek: zoodanig dat hij om die reden, tegen zijn zin en tot schade van de Partij, het redakteurschap van het orgaan heeft moeten opgeven .. Neen, zegt het bestuur van de Partij dat deze en andere beschuldigingen heeft onderzocht: het blijkt uit de bestuursnotulen van dien tijd dat er andere redenen waren.... Laat ons die notulen zien, als gij zoo goed wilt zijn, opdat wij ons geheel kunnen verantwoorden — zeggen de beschuldigden tegen wie de lasterkampagne inmiddels ijverig wordt voortgezet.... Neen, zegt nu het opvolgende P. B. waarvan de beschuldiger lid is: de stukken van welke onze voorgangers hebben

Sluiten