Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

II.

' e Redaktie van iieï Volk op het Kongres 1905 (Den Haag).

De houding van de „N. Tijd-groep" op dit kongres noemt Troelstra een „komedie". Wij kunnen ongelukkigerwijs op de zijne geen meer ernstige of waardige aanduiding toepassen, nu wij nog eens nauwkeurig hebben nagegaan niet alleen wat er tijdens, maar ook wat vour en na deze vergadering is gebeurd.

Troelstra, zooals we zagen, wilde wederom redakteur worden, ofschoon hij wist dat de N. Tijders dit niet in 't belang der Partij achten. Hij de samenkomst voor het kongres van Den Haag met het P. B. is dit nog eens duidelijk gezegd, behoudens natuurlijk onze verzekering van te zullen medewerken wanneer Troelstra, door de Patij benoemd, dat verlangde (l).

Op dezen grondslag is onze redaktie blijven staan. In zijn brochure zegt Troelstra dat hij ons den eisch had gesteld : „öf mij de weder-aanvaarding der redaktie mogelijk te maken, of een kandidaat voor de redaktie te stellen van hun eigen richting." Prachtig staaltje van de manier waarop Troelstra, sociaaldemokraat, over het vervullen van partij betrekkingen denkt: Hij, Troelstra, mag eischen dat een groep partijgenooten of hém aanneemt of zelf optreedt.... zooals hij op een andere door ons overgenomen plaats slechts een van deze twee mogelijkheden erkent: óf zelf de leiding uitoefenen, óf „in de oppositie gaan". De derde mogelijkheid: eens rustig aftewachten wat de wensch der vertegenwoordigers van de Partij zal blijken te zijn, en dan, als de keus op een ander valt, niet in de oppositie te gaan, maar hem de medewerking te verleenen waarop iedere redaktie van ons partijorgaan recht heeft (behoudens natuurlijk de vrijheid van ieder partijgenoot om met de redaktie van meening te verschillen, en dit uittespreken als de onderwerpen aan de orde zijn) — volgens deze derde, voor demokraten en sociaaldemokraten eenige mogelijkheid heeft Troelstra ook in de praktijk nooit gehandeld. Hij heeft aan Tak na het Haagsche kongres zijn medewerking ruwweg geweigerd. De Nieuwe Tijd-groep, daarentegen, heeft nooit een andere houding erkend of aangenomen: noch zelf naar de redaktie van het dagblad gedongen, noch zich een kandidatuur laten opdringen, noch aan een kandidaat „eischen" gesteld, noch haar medewerking teruggehouden wanneer zij werd gevraagd. Toen Troelstra van ons verlangde dat wij zelf met een kandidaatuur voor de redaktie zouden komen, was dit in alle opzichten ongepast: hij had evenmin het recht den eisch

(1) De voorstelling die Troelstra in zijn boek geeft, alsof deze laatste verklaring onder pressie van het P. B. werd afgelegd, is onjuist, (bl. 70). Er was onmiddelijk besloten zoo te handelen, en dat Troelstra's brief niet eerder in dien geest beantwoord werd is een persoonlijk verzuim geweest, „de onopzettelijke achteloosheid" waarvan Troelstra trouwens zelf melding maakt.

Sluiten