Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

voerende partijen. Indien de duur van den wapenstilstand niet bepaald is, kunnen de oorlogvoerende partijen ten allen tijde de krijgsverrichtingen hervatten, mits de vijand, overeenkomstig de bepalingen van den wapenstilstand, binnen den afgesproken tijd vooruit gewaarschuwd zij.

In de Haagsche Vredes-Conferentie is geen verschil gemaakt tusschen de wapenschorsing en den wapenstilstand. Alles is begrepen onderdenalgemeenenterm „armistice", wapenstilstand Dezelfde beginselen gelden dus voor beiden.

De wapenschorsing (suspension d'ar mes) heeft ten doel de vijandelijkheden slechts voor korten tijd te doen staken, meesrtijds slechts voor enkele uren. Zij geldt niet voor het geheele operatietooneel soms zelfs niet voor het geheele leger, daar hare verbindende kracht, naarmate het doel met de wapenschorsing beoogd, tot enkele troepengedeelten, voor eene bepaalde terreinstrook of voor een aangewezen vestingfront beperkt kan worden.

Zij kan door den legercommandant of door den commandant van een legerkorps of van eene voorpostenlinie worden toegestaan.

Vóór Parijs werd aan den Bondskanselier eene wapenschorsing tot het begraven van dooden aangevraagd. Het verzoek werd, wegens gebrek in den vorm, uit politieke overweging geweigerd, doch te kennen gegeven, dat de commandanten der voorpostenlinlën, wanneer hun de vraag werd gedaan, zoodanige aanvragen konden toestaan.

Gewoonlijk wordt zij aangevraagd om omgestoord gesneuvelden te begraven of gewonden van het slagveld optenemen.

Indien zij kan verleend worden zonder nadeel voor de oorlogsoperatiën, vooral wanneer zij aangevraagd wordt tot menschlievende doeleinden, wordt zij gewoonlijk toegestaan. Kunnen nevenoogmerken, b.v. het doen uitrusten van zeer afgematte troepen, het doen aanvoeren van munitie, het gereedmaken van verdedigingswerken, of het rustig aftrekken uit eene bedreigde stelling, worden ondersteld, dan behoort zij te worden geweigerd.

Bij het beleg van Sebastopol werd, na den grooten uitval, in den nacht van 22 op 23 Maart 1855, door den Generaal Osten-Sacken, eene wapenschorsing verzocht om de dooden te begraven. Zij werd vastgesteld integaan den 24sten, op het middaguur. Toen dat uur geslagen had, werd van alle zijden „ophouden met vuren" geblazen en de witte vlag geheschen. Gedurende drie uren bewogen zich op het terrein van den strijd ongewapende Fransche en Russische detachementen, belast met het ter aardebestellen van de gevallenen.

Sluiten