Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

laat echter meer gematigdheid toe, zoowel bij politiedwang als bij rechtspraak.

Een algemeene wapenstilstand draagt meer het karakter van vredestoestand. Zoo immer, dan moeten in die periode alle vorderingen beperkt worden tot hetgeen voor het onderhoud der bezettingstroepen strikt noodzakelijk is. Oorlogsschatting te blijven vorderen mist, bij den spoedig te venvachten vrede, het doel, dat haar m. i. alleen rechtmatig doet zijn; ook zou zij op den duur voor de bevolking te bezwarend worden en derhalve eene door het oorlogsrecht veroordeelde onderdrukking zijn. Toen, na het sluiten der vredes-prëliminairen, 26 Febr. 1871, de wapenstilstand tusschen Frankrijk en Duitschland werd verlengd , bevatte art. 3 der daartoe gesloten overeenkomst: „ De Duitsche troepen zullen zich voortaan onthouden in het door hen bezet gebied geldcontributiën te heffen."

Art. 40.

Elke ernstige schennis van den wapenstilstand door eene der partijen geeft aan de andere het recht dien op te zeggen en zelfs, in een dringend geval, de vijandelijkheden onmiddellijk te hervatten.

Onmiddellijk beteekent zonder voorafgaande waarschuwing.

Art. 41.

De schennis van de bepalingen van den wapenstilstand door pai'tikulieren, die uit eigen beweging handelen, geeft slechts recht om de bestraffing der schuldigen, en, zoo daartoe aanleiding bestaat, schadevergoeding voor de geleden verliezen te vorderen.

AFDEELING III.

Van het militair gezag op het grondgebied van den vijandelijken Staat.

a. Grens van gezag.

Art. 42.

Een grondgebied wordt als bezet beschouwd, wanneer

Sluiten