Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kan dus de onzijdigheid met onpartijdige vergunning, omtrent het andere die met onpartijdige weigering worden aangenomen.

Doorzicht , ervaring en kennis van oorlogstoestanden wordt gevorderd om de partijdigheid buiten verdenking te houden.

b. Handelingen van vreemdelingen en van onderdanen.

Gezanten of consuls van de oorlogspartijen mogen op onzijdig gebied geen handelingen verrichten in strijd met de onzijdigheid. Door dezen of door wie ook, mogen voor eene oorlogspartij geen wervingen op onzijdig grondgebied geschieden. Vrijwilligers mogen zich aldaar niet op militaire wijze organiseeren, ten einde zich bij het leger van eene der oorlogspartijen te voegen.

Zoodra de Regeering van den onzijdigen Staat met zoodanige handelingen in kennis wordt gesteld behoort zij maatregelen te nemen, dat die zoo mogelijk niet tot uitvoering komen en dat zij in het vervolg niet meer plaats hebben.

Wanneer onderdanen van onzijdige Staten, afzonderlijk, op eigen gezag, zonder vergunning van de regeering, in vreemden krijgsdienst treden, is dit geen schending der neutraliteit.

In 1870 was te Bucharest door den Franschen Consul-Generaal een aanvang gemaakt met het vormen van guerrillabenden. Dit werd, op protest van den Pruisischen Consul-Generaal, verboden, als eene handeling in strijd met de neutraliteit.

In Dec. 1870 zond Graaf von Bismarck eene nota aan Luxemburg, wegens de handelingen van het Fransche Consulaat. De Luxemburgsche regeering verwierp echter deze klacht als ongegrond, vermits, volgens haar de werkzaamheid van den Franschen Consul zich had bepaald tot het verleenen van ondersteuning aan hulpbehoevende Franschen, die naar een ander neutraal land, België, reisden.

Eene Begeering kan echter niet verder, dan hare macht reikt, instaan voor handelingen van bijzondere personen. Toch hebben bij het uitbreken van den ooriog van 1870—71 verscheidene Begeeringen de bevolkingen verboden in militairen dienst bij eene der oorlogvoerende partijen te treden: Denemarken, bij aankondiging van 27 Juli 1870, in het officieel blad; Busland bij Keizerlijk besluit van 3 Aug. 1870; Amerika bij de neutraliteitsproclamatie van den President. Op het zonder vergunning der Begeering in militairen dienst treden bij eene vreemde Mogendheid wordt in vele Staten bij de wet eene straf gesteld; in

Sluiten