Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

onbelangrijke wijzigingen, in de Tweede Kamer aangenomen, daarop ook in de Eerste Kamer goedgekeurd en door de Koningin bekrachtigd. Aldus werd bjj de wet van 14 Juli 1899, Stb. n . 159, de bestaande achttiende titel ingetrokken en met het opschrift „Van herziening van arresten en vonnissen" de tegenwoordige achttiende titel daarvoor in de plaats gesteld ').

Art. 375 nieuw vangt aan met eene algemeene omschrijving van de gevallen, waarin herziening van eene rechterlijke uitspraak zal kunnen plaats vinden. Daartoe is allereerst noodig, dat het gewezen arrest of vonnis in kracht van gewijsde zij gegaan; zoolang een ander, gewoon rechtsmiddel tegen het rechterlijk vonnis open staat is er voor toepassing van het buitengewone rechtsmiddel der revisie geene plaats. Verder moet aanwezig zijn eene omstandigheid, die bjj het onderzoek, aan de gewezen rechterlijke uitspraak voorafgegaan, den rechter niet bekend is geweest, d. w. z. een zoogenaamd novum. De herziening toch bedoelt niet te zijn eene nieuwe instantie om de juistheid van het gewezen vonnis opnieuw te gaan onderzoeken; de kracht van de res judicata kan slechts door eene den rechter vroeger onbekend gebleven omstandigheid worden aangetast. Die omstandigheid moet voorts, hetzij op zichzelf, hetzij ook in verband met het vroeger geleverde bewijsmateriaal , ernstigen twjifel doen rijzen aan de juistheid der uitspraak en van dien aard y.jin, dat met grond mag worden aangenomen, dat de rechter, indien hij met haar bestaan bekend zou zijn geweest, eene andere uitspraak 7.ni| liohhon gegeven. De invloed, dien het bekend geweest zijn met de nieuwe omstandigheid moet kunnen gehad hebben, wordt voorts door den wetgever nader bepaald. Die bekendheid moest hebben kunnen leiden hetzij tot vrjjspraak van den veroordeelde, hetzij tot ontslag van rechtsvervolging op grond dat deze niet strafbaar was, hetzij tot niet-ontvankeljjkverklaring van het openbaar ministerie, hetzij tot toepasseljjkverklaring van eene minder zware strafbepaling. Bjj vermelding van het ontslag van rechts-

') Men zie over deze wet: Geschiedenis van de wet van 14 Juli 1899, volledige verzameling van ontwerpen enz. gerangschikt door mr. J. W. Belinfante, en het academisch proefschrift van W. H. Borgman, V»n herziening van arresten eti ypnnjssen. Utrecht 1899,

Sluiten