Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

383 enkele bepalingen getroffen omtrent de opneming van veroordeelden en van hen, die voorloopig in hechtenis worden gesteld, in de daarvoor bestemde gestichten. In art. 385 wordt aan de arrondissements-rechtbanken de verplichting opgelegd, om de gevangenissen, rijkswerkinrichtingen en tuchtscholen van tijd tot tijd door commissarissen uit hun midden te doen bezichtigen ten einde zich te overtuigen, dat de wettelijke voorschriften worden nageleefd, en gelijke verplichting rust ook op de officieren van justitie. De inspectie namens den hoogen raad en de gerechtshoven, in art 421 oud mede voorgeschreven , en die de regeering bij de herziening had willen doen vervallen, werd op voorstel der C. v. R. behouden, doch

later bij de wet van 4 Juli 1887 Stb. n«. 111 uit het artikel gelicht ').

HOOFDSTUK VIII.

Bijzondere procedures.

§ 1. Van de herkenning van veroordeelden die ontvlucht eu weder achterhaald zijn.

In den negenden titel worden enkele bijzondere bepalingen getroffen voor het geval, dat een veroordeelde ontvlucht" is en er twijfel bestaat, of de gevatte persoon inderdaad dezelfde is als hij die ontvlucht is. Heeft dit plaats of wordt door den aangehoudene zijne identiteit ontkend, dan zal daarover door de rechtbank of het gerechtshof, dat de veroordeeling heeft uitgesproken, op requisitoir van het openbaar ministerie een onderzoek worden ingesteld, art. 269. Dit onderzoek heeft plaats op eene terechtzitting, waarop de achterhaalde gehoord zal worden met de getuigen, die omtrent zijne identiteit kunnen verklaren.

et O. M. zal daartoe den aangehoudene en de getuigen doen dagvaarden; volgens art. 270 lid 1 moet hij ook de getuigen, waarop de aangehoudene zich beroept, doen oproepen. Het college, dat van de zaak kennis neemt, zal daarna uitspraak doen, overeenkomstig de bepalingen van den vierden titel. Het

') Smidt II, 178 — 189.

Sluiten