Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

het Administratief Hooggerechtshof. Het administratief beroer, on Gedeputeerde Staten wenscht zij evenwel te behouden; bij de we? zullen slechts eenige regelen gesteld behooren te worden omtrent de procedure welke die colleges bij de behandeling van rechts geschillen in acht hebben te nemen. Het beroep op den Koning zal dan vervangen worden door de klacht bij den administratieven rechter Ten aaneen van den omvang der aan den administratieven lechter toe te kennen bevoegdheid, verklaart de Staatscommissie

den JJ l 6Perkte °PVatting Van de competentie an den gewonen rechter, zy acht het fundamentum petendi beslissend

In verband daarmede stelt zij voor art. 2 der wet op de rechter hjke organisatie te wijzigen in dien zin, dat de daarin voorkomende ooi den: „ geschillen over eigendom of daaruit voortspruitende regten, over schuldvorderingen of burgerlijke regten" vervangen ^oiden door de woorden: „twistgedingen. die hun regtsgrond vinden m het burgerlijke regt".

In 8 5 bespreekt de commissie de positie van den administratieven rechter, zooals de Grondwet zich die gedacht heeft. Uit het vierde en vijfde lid van art. 166 in verband met de geschiedenis der G^dwetsherziening toont zij aan, dat „naar de bedoeling van

snL? T g6Ver' Z0° 66116 afzonderl«ke administratieve "rechtspiaak werd georganiseerd, die rechter zou staan nevens de rechterlijke macht en als het ware eene tweede, nieuwe rechterlijk.macht zou ,m, belast me. ie beslissing ra„

geschillen/ Het gevolg hiervan is, dat art. 165 der Grondwet niet

sLt T1S atieV?n rechter toePasseIiJk is, zoodat zijne uitspraken met aan cassatie door den Hoogen Raad onderworpen zijn

Jl* a,f'Iingtdeler PUnten had de c°mmissie zich in hoofdzaak nog bezig te houden met de nadere afbakening van de bevoegdheid van den administratieven rechter ten aanzien van de administratie zelve, den burgerlijken iwhto.- •.,. .

recht van rfn ° " UCL vermetigmgs-

• «V ILlUVlli

«Tegenover de administratie heeft de administratieve rechter geen andere taak dan die van recht te spreken. De taak eens rechters is met eene administratieve, maar alleen eene rechterlijke controle uit te oefenen. Rechtspraak nu onderstelt het bestaan van een rechtsgeschil, van beweerde rechtskrenking en waar geen rechtsgeschil is, komt naar den aard der zaak geene rechtspraak te pas" ').

1) Verslag § 6, bladz. 9.

Sluiten