Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

delicten gepleegd door het krijgsvolk te land en te water.

Deze voorschriften zijn evenwel in 1848 uit de Grondwet gelicht.

Terwijl de Grondwet den 29sten Maart 1814 was tot stand gekomen, werden reeds den 20steu Juli van hetzelfde jaar (Staatsblad n°. 85) bij de wet gearresteerd:

1°. Een crimineel wetboek voor het krijgsvolk te water.

2°. Een reglement van discipline voor het krijgsvolk te water.

8°. De regtspleging voor het krijgsvolk te water.

4°. De regtspleging voor het krijgsvolk te lande.

5°. Eene provisionele instructie voor het Hoog Militair Geregtshof.

Ten aanzien der landmacht bleef volgens de bepaling van genoemde wet „ in volle vigeur en kracht het bij Ons besluit van den 30 December 1813, n°. 152, provisioneel wederom ingevoerde reglement van den jare 1799, en zulks voor zoo verre aan deszelfs bepalingen niet is gederogeerd, bij de hierboven vermelde en alsnu gearresteerde regtspleging voor het krijgsvolk te lande, en provisionele instructie voor het Hoog Militair Geregtshof; alles in afwachting, dat ook, ten behoeve van het krijgsvolk te lande, een crimineel wetboek en een reglement van discipline zullen kunnen worden vastgesteld en gepubliceerd."

Bij de wet van 15 Maart 1815 is dit geschied en zijn gearresteerd:

1°. Een crimineel wetboek voor het krijgsvolk te lande en

2°. Een reglement van discipline voor hetzelve krijgsvolk.

De tekst der militaire strafwetten is nooit in het Staatsblad gepubliceerd; bij verschillende arresten is echter beslist, dat zij toch kracht van wet bezitten. Zij hebben in den loop der tijden verschillende wijzigingen ondergaan. Nadat reeds door de wet van 28 Juni 1854 (Stbl. n°. 96) eenige weinig belangrijke veranderingen waren gebracht in de straffen op de misdrijven gepleegd door het krijgsvolk te water en bij de wet van 17 September 1870 (Stbl. n°. 162) de doodstraf in tijd van vrede was afgeschaft, is eene ingrijpende wijziging in deze geheele regeling tot stand gekomen door de wetten van 14 November 1879 (Stbl. n°. 191 en 192, wat betreft het crimineel wetboek en het reglement van krijgstucht voor het krijgsvolk te lande; en n°. 198 en 194 voor dat te water). Bij de invoeringswet van het Wetboek van Strafrecht (wet 15 April 1886, Stbl. n°. 64) zijn ook de militaire strafwetten in overeenstemming gebracht met het nieuwe wetboek, terwijl daarin nog nadere wijziging is gebracht bij de wet van 14 Februari 1887 (Stbl. n°. 35).

Deze verschillende wijzigingen hebben geen verandering kunnen

Sluiten