Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Terwijl wij bij de door ons reeds besproken rubrieken telkens hebben kennis gemaakt met min of meer nauwkeurig afgebakende takken van den Staatsdienst, ontmoeten wij hier den Staat in zijne verhouding zoowel tot den enkelen persoon als tot de maatschappij in haren vollen omvang. Het inwendig bestuur omvat alles wat — toen het woord reeds eene eenigszins beperkte beteekenis had gekregen — werd verstaan onder politie '). De overige rubrieken van staatszorg verhouden zich tot dit onderdeel als middel tot doel. Wil de Staat aan zijne bestemming beantwoorden, zoo moet hij zich in de eerste plaats naar buiten zoowel als naar binnen kunnen handhaven; de door ons besproken takken van staatszorg hebben voornamelijk daarop betrekking: op het gebied, waarmede wij ons thans gaan bezighouden, is het eigenlijke doel van den Staat gelegen.

Het inwendig bestuur vindt zijnen grondslag in de overweging, dat de burgers met elkander in de gemeenschap levende, aan de gemeenschap de middelen ontleenen, waardoor zij hun zelfbehoud verzekeren, en hunne welvaart bevorderen. In den strijd des levens komt liet aan op de aanwezigheid der voorwaarden, waaronder beschaving en welvaart kunnen worden verkregen. Waar deze voorwaarden aanwezig zijn, kan een ieder in eigen kring door zijnen arbeid zich datgene verwerven, wat hij voor zijne ontwikkeling noodig heeft. Den Staat kan het niet onverschillig zijn, of en in hoeverre dit het geval is. Immers het peil zijner eigene kracht rijst en daalt met de mate van ontwikkeling door zijne burgers verkregen. Zijn eigen belang noopt hem dus zijne zorg aan deze ontwikkeling te wijden.

Waar en wanneer de Staat zal ingrijpen, is afhankelijk van het wisselend inzicht dergenen, aan wien op een zeker tijdstip de regeeringsmacht in handen is gegeven.

Maakte de Fransche revolutie een einde aan den ..Welvaartsstaat" en zijne ontaarding den „Politiestaat" en trad met haar het individualisme op den voorgrond, dat in het laisser faire, laisser passer zijn scherpste uiting vond, in den laatsten tijd is een tegeustrooming ontstaan; in plaats van staatsonthouding, wordt wederom staatsinmenging gepredikt. De eene met meer, de andere met minder goedwillige overtuiging, verklaren alle politieke partijen, dat de moderne maatschappij met hare hooge levenseischen, hare groote tegenstellingen en haren soms scherpen strijd van belangen, den

1) Zie boven bladz. 309.

Sluiten