Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

2. Hoewel niet alleen werkzaam ten dienste der kapitaalvorming, zullen wij niet een enkel woord hier spreken over Coöperatieve vereenigingen. Dit onderwerp is geregeld by de wet van 17 November 1876, Stbl. n°. 227 ')•

Deze wet is in het leven geroepen onder den drang der practijk. Sedert eenigen tijd toch waren verschillende vereenigingen ontstaan, waarvan de voornaamste kenmerken waren: afwisselend ledental, veranderlijk kapitaal, verbod van overdracht van aandeelen, aanvulling der aandeelen door geregelde kleine stortingen en persoonlijke aansprakelijkheid, kenmerken welke noch in de vennootschap onder een firma, noch in de vennootschap en commandite, noch in de naamlooze vennootschap worden teruggevonden, terwijl rechtspersoonlijkheid volgens de wet van 1855, oorspronkelijk verleend, haar later werd onthouden. Het gevolg was, dat die vereenigingen onder het geldende recht niet tot behoorlijke ontwikkeling konden komen, zoodat wettelijke voorziening noodzakelijk bleek.

In het begin van 1875 werd daartoe bij de Tweede Kamer der Staten-Generaal een wetsontwerp ingediend tot regeling van „de vennootschappen met veranderlijk kapitaalwaarby dus één van de kenmerken der coöperatieve vereeniging als het ware tot hoofdkenmerk werd gestempeld. Uit de memorie van toelichting bleek toch, dat het ontwerp wel ten behoeve van de coöperatieve vereenigingen was ingediend, doch dat aan een rechtskundige benaming de voorkeur werd gegeven boven een sociale. De wet die ten slotte toch uit dit ontwerp is voortgekomen heeft een lange wordingsgeschiedenis gehad. Het voornaamste bezwaar er tegen geopperd was juist gelegen in het voorop stellen van het kenmerk van veranderlijkheid van kapitaal ten gevolge waarvan veel te weinig rekening was gehouden met het persoonlijk karakter der coöperatie. Het gemeen overleg bij de openbare beraadslagingen heeft evenwel tot een goed einde geleid, al vonden alle bezwaren geen oplossing: de wet kwam als wet tot regeling der coöperatieve vereenigingen in het Staatsblad.

„ Onder coöperatieve vereenigingen verstaat de wet vereenigingen van personen, waarbij de in- en uittreding van leden is toegelaten, en die de bevordering der stoffelijke belangen der leden ten doel hebben, als door middel van gemeenschappelijke uitoefening van

1) Aangevuld en gewijzigd bij de wetten van 7 Mei 1878. S. 14; (Inv. S. R.) 15 April 1886, S. 64 en (Inv. Faill.w.) 20 Januari 1896, S. 9.

Sluiten