Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

wenschelijkheid gebleken wetsbepalingen tot beveiliging van werklieden in fabrieken en werkplaatsen in het leven te roepen, van de noodzakelijkheid werd men algemeen ook in industrieele kringen ovei tuigd, toen de inspecteurs van den arbeid er in hunne jaarverslagen op wezen, dat het hun zonder dwingende bepalingen niet mogelijk zou zijn, de bestuurders van nijverheidsondernemingen algemeen te bewegen in het belang van hun personeel die maatregelen te nemen, die met het oog op gezondheid en veiligheid onmisbaar mochten worden geacht.

Door den langen tijd noodig voor het ontwerpen en vaststellen van de algemeene maatregelen van bestuur tot uitvoering der wet in vele opzichten nog belangrijker dan deze zelf — kon zij niet voor den lste11 Januari 1897 in werking treden.

Doordat de omschrijvingen der begrippen „fabriek" en „werkplaats" in hoofdzaak aan de Arbeidswet ontleend zijn, is er een verband tusschen beide wetten gelegd, dat aan hare toepassing ten goede komt. De uitvoering is dan ook aan de arbeidsinspectie opgedragen, welke instelling zooals boven reeds werd opgemerkt in verband daarmede een uitbreiding heeft ondergaan.

De belangrijkste bepalingen der wet zijn wel die van de artikelen 6 en 7. Beide echter vorderen nadere uitwerking bij algemeenen maatregel van bestuur; de wet zelf bepaalt zich tot het noemen der onderwerpen, waaromtrent bij algemeenen maatregel voorschriften moeten worden gegeven. Tusschen de door beide artikelen gevorderde maatregelen is evenwel een belangrijk verschil1). Artikel 6 \oidert vaststelling van algemeene regelen, hetzij ten opzichte van alle, hetzij ten opzichte van sommige bedrijven, ten aanzien van de in dat aitikel opgesomde onderwerpen. Zijn deze regelen eenmaal vastgesteld, dan gelden zij ook voor alle ondernemingen welke daaronder vallen en is het hoofd of de bestuurder verplicht ze na te komen. Artikel 7 daarentegen vordert wel, dat ten aanzien van bepaalde onderwerpen bij algemeenen maatregel van bestuur wordt geregeld wat door de ondernemers moet worden gedaan, maar met de uitdrukkelijke bijvoeging, dat dit moet geschieden met inachtneming van de voorschriften door den inspecteur van den arbeid te geven, terwijl bovendien nog enkele onderwerpen worden ge-

1) De uit beide artikelen voortvloeiende voorschriften zijn alle in één algemeenen maatregel van bestuur vereenigd, vastgesteld bij K. B. van 7 December 18%, Stbl ,n°. 215, laatst gewijzigd 16 Maart 1903, Stbl. n» 84.

Sluiten