Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zijne medewerking daartoe weigert '), altijd echter onder nadere goedkeuring van het opperbestuur.

Krachtens het uitvoerend gezag voert de Gouverneur-Generaal alle wetten, Koninklijke besluiten en bevelen, alsmede zijne eigene ordonnantiën uit. De laatste zijn, wanneer zij niet uitdrukkelijk het tegendeel inhouden, verbindende voor geheel NederlandschIndië. Alleen daar, waar de inlandsche vorsten nog een zeker zelfbestuur uitoefenen, zijn zij slechts in zooverre toepasselijk, als daarmede bestaanbaar is 2). Maar ook hier geldt, hetgeen wij boven in het algemeen over de bevoegdheid van den Gouverneur-Generaal aanstipten, dat hij wegens gewichtige redenen de afkondiging en dus ook de uitvoering van wetten, Koninklijke besluiten en bevelen schorsen, en ze zelfs, wanneer zij reeds afgekondigd zijn, buiten werking stellen kan, als de nood het vereischt 3).

Onder de plichten welke op den Gouverneur-Generaal rusten, neemt zeker die eene eerste plaats in, welke art. 55 van het Reglement op het beleid der regeering hem oplegt, en die betrekking heeft op de bescherming der inlandsche bevolking tegen willekeur „van wien ook", en dus ook van hare eigene vorsten en hoofden. Eene Oostersche bevolking, gewoon aan despotisme en onderdrukking, beschouwt hare vorsten en hoofden als met eene hoogere macht bekleed, en verdraagt de grofste willekeur met geduld en zonder klagen. Juist die toestand leidt tot verstomping van alle edele gevoelens van den mensch. Het moet steeds het streven zijn van het Nederlandsche gouvernement, om ook onder de volken van den Indischen Archipel de algemeene ontwikkeling te bevorderen, en het baant den weg daartoe, door hen tegen onderdrukking en willekeur te beschermen.

In nauw verband daarmede staat ook de verplichting van den Gouverneur-Generaal, om de wijze en voorwaarden waarop, alsmede

1) Regeerings-reglement artt. 20, 21, 29 en 30.

2) Art. 27 ibid.

3) Artt. 22 , 23 en 30 ibid. Ook voor de Indische regeering zijn formulieren van afkondiging voorgesclireven. Zij geschiedt door plaatsing in het Staatsblad van Nederlandsch-Indië. Indien in de wet, het Koninklijk besluit of de ordonnantie, geen tijdstip voor het in werking treden er van is uitgedrukt, wordt dat tijdstip geacht voor Java en Madoera de 30ate, voor de overige deelen van Nederlandsch-Indië de 1003"' dag te zijn. na de opneming in het bovengenoemd Indisch Staatsblad. Zie Reg.-regl. artt. 31, 32 en 43.

Sluiten