Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

laatstelijk vermelde eischen voldoet. De concessionaris kan van de hem verleende rechten door den Gouverneur-Generaal vervallen worden verklaard, ingeval hij, op bekomen last om de ontginning wegens overwegende redenen van algemeen belang aan te vangen of na staking weder op te vatten, in gebreke blijft, en ingeval hij nalatig is in de nakoming van verplichtingen hem door de wet of de concessie opgelegd. Van deze beslissing van den Gouverneur Generaal staat beroep op de Kroon open.

In de slotbepalingen wordt bepaald, dat het van regeeringswege uit te oefenen toezicht ') zich ook uitstrekt tot alles wat betrekking heeft op: de stevigheid der mijnwerken; de veiligheid voor het leven en de gezondheid der arbeiders; de bescherming van den bovengrond in het belang van de veiligheid van personen en het openbaar; de bescherming tegenover de algemeen schadelijke gevolgen van den mijnbouw.

d. Heerendiensten en gemeentelijke diensten 2).

Behalve de heerendiensten ten behoeve der inlandsche regenten en hoofden, waarover wij vroeger reeds spraken, worden er heerendiensten door het Gouvernement geëischt. Heerendiensten behooren tot de oude heerlijke rechten der voormalige vorsten; men treft ze bijna steeds aan bij volkeren die over weinig kapitaal, met name over weinig geld hebben te beschikken, en bijna uitsluitend hunne middelen van bestaan aan landbouw en veeteelt ontleenen. De oorspronkelijke grondslag der heerendiensten was het grondbezit; later schijnt men daarvan afgeweken te zijn, en iederen Inlander gedwongen te hebben tot het verrichten van persoonlijke diensten. Het Gouvernement heeft ze steeds te zijnen behoeve gebruikt, bijv.

1) De dienst van het mijnwezen in Ned. Indië is geregeld bijlnd. Stbl. 1873 n°. 280.

2) Zie het Eindresumé van het bij besluit van den G. G. v. Ned.-Indië van 24 Juli 1898 n°. 8 bevolen onderzoek naar de verplichte diensten der Inlandsche bevolking op Java en Madoera (Gouvernementslanden) op last van Z. E. den Minister van Koloniën, samengesteld door F. Fokkens, Oost-Indisch hoofdambtenaar, belast geweest met de leiding van genoemd onderzoek. In 3 gedeelten (5 stukken) 1901—1903: Heerendiensten (1 en 2), Gemeentelijke diensten, Voorstellen en resultaat.

Vgl. ook de Louter, t. a. p. 421 v. en Mr. C. T. Schoch, De heerendiensten op Java en Madoera, Acad. proefschr. Utrecht 1891.

Sluiten